.

XII VERANTWOORDING EN BIBLIOGRAFIE

XII.1 Verantwoording en aanbevolen literatuur

Literatuur over het raadsel van Beethovens liefdesbrief
Over Schindler valt als biograaf niet veel goeds mede te delen, maar het bleek (en blijkt) onmogelijk om zijn saaie hagiografie geheel te vermijden. Voor de bestudering van het probleem van Beethovens onsterfelijke geliefde heeft de biograaf echter niet veel aan hem. Thayer is en blijft de meest complete biografie, maar ook aan hem hebben we niet zoveel, zelfs niet in de herziening door Forbes uit de jaren zestig van de vorige eeuw. De moeilijkheid met alle biografen uit de negentiende eeuw is hun victoriaanse geestesgesteldheid. Het was blijkbaar erg moeilijk de feiten te vermelden, vooral als deze wat minder prettig waren. Tegen Beethoven aankijken als een 'gewoon' mens was kennelijk een te grote opgave. Hij diende boven normale stervelingen verheven te zijn, ook als het ging om zoiets algemeen menselijks als seks. Dus werden de feiten verzwegen (Thayer) of, veel erger, ontkend of bijgestuurd (Schindler). Verbijsterende voorbeelden ook zijn te vinden bij Kalischer, die volkomen blind leek voor alle falsificaties van zijn ongeloofwaardige hypothese. Thomas-San-Galli, Unger en Sonneck komt de eer toe voor het eerst helder en min of meer wetenschappelijk met het probleem omgegaan te zijn. Unger en Thomas-San-Galli toonden zonneklaar aan dat Beethoven de brief in 1812 in Teplitz had geschreven en Sonneck stelde duidelijke premissen voor de kandidates, die nog altijd van kracht zijn. Toch lukte het ook deze heren niet om zich volkomen objectief op te stellen. Zo wijst Thomas-San-Galli alle getrouwde vrouwen af, omdat dat niet conform Beethovens principes zou zijn geweest (waarna hij voor Amalie Sebald kiest, hoewel hij die keuze later herzag en opteerde voor de ook al ongehuwde Therese Brunswick) en Unger lijkt een vergelijkbare fout te hebben gemaakt toen hij op de Kurlist van Karlsbad Antonie Brentano en Dorothea Ertmann aantrof en ze zonder uitleg terzijde schoof met de opmerking dat ze 'niet in aanmerking kunnen komen'. La Mara en Rolland waren de eersten die de blik op de Brunswicks richtten, maar ook op hun onderzoekingen valt het een en ander af te dingen, waarbij moet worden aangetekend dat La Mara een heel wat realistischer beeld had dan de al te romantische Rolland en later haar foutieve hypothese voor Therese herriep, waarna ze als eerste in de geschiedenis Josephine suggereerde. Jammer genoeg maakte ze de fout de brief in het verkeerde jaar te plaatsen (1807). Ley ontdekte dat het geheimzinnige miniatuur uit Beethovens nalatenschap zeer waarschijnlijk geen beeltenis van Marie Erdödy is en hij maakte de bekende fout optimistisch te concluderen dat het dan 'waarschijnlijk' een portret van de gezochte vrouw is. Het boek van het echtpaar Sterba is onontkoombaar, omdat ze verder keken dan de oppervlakte en zich niet schuldig maakten aan hagiografie, maar helaas wel uit het oog verloren dat psychoanalyse op een dode feitelijk onmogelijk is, zodat het uiteindelijke resultaat toch weinig indrukwekkend is. Kaznelson bracht zijn zorgvuldig uitgewerkte Josephine-1812-hypothese met veel aplomb, maar Schmidt-Görg liet geen spaan heel van zijn boek en al snel bleek waarom, toen hij met zijn publicatie van de briefwisseling tussen Beethoven en Josephine uit 1804/9 op de proppen kwam en veel deskundigen een tikje voorbarig concludeerden dat Josephine 'dus' niet de vrouw van de brief van 1812 kon zijn. Steichen had weinig succes met haar hypothese voor Marie Erdödy. Haar boek was nog niet af toen ze stierf en het is in onvoltooide vorm uitgegeven, weliswaar voorzien van noodzakelijk commentaar door de uitgever. De Franse 'school' bleek gecharmeerd van de Josephine-hypothese, want Maurois en het echtpaar Massin twijfelden er niet aan, ondanks Schmidt-Görgs hevige protesten. Solomon, Marek, Brosche-Graeser en Goldschmidt publiceerden uitvoerig naar aanleiding van de Beethoven-jaren 1970 en 1977. Marek maakte niet veel indruk met zijn hypothese voor Dorothea Ertmann, vooral op grond van de slecht passende 'interna', en aan de veel te fanatieke Josephine-advocate Brosche-Graeser besteedde niemand enige aandacht, wat ze aan zichzelf te wijten heeft, want haar boekje bestaat toch voornamelijk uit onzin. Solomon won de race met gemak. Goldschmidt bestudeerde de publicaties van Marek en Solomon en kwam tot de conclusie dat Marek zich inderdaad vergiste, maar Solomon misschien niet. Zeer bescheiden noemde hij zijn belangrijke boek uit 1977 'een tussenstand'. Hij heeft in dit boek een voorkeur voor Josephine, maar onderneemt menige poging de feiten in te passen in de levens van beide vrouwen. Uitsluitend op grond van de biografische gegevens meent hij geen keuze te kunnen maken. Pas in zijn laatste hoofdstuk, gewijd aan een zoektocht naar bewijzen in de muziek, geeft hij de voorkeur aan Josephine. In zijn publicatie Auf diese Art mit A geht alles zu Grunde, postuum verschenen in 1988, nam hij verder afstand van Solomons hypothese. Deze echter blijft van mening dat Josephine onmogelijk de gezochte vrouw kan zijn en ook 1988 herhaalde hij die visie in een tweetal essays, gepubliceerd in zijn Beethoven Essays. Dit merkwaardige boek is een vervolg op zijn biografie en wat betreft tot de correcties op zijn hypothese is het een beschamende mislukking, want hij focuseert zich uitsluitend op de bewijzen in zijn voordeel en zwijgt volledig over de tegenbewijzen. Jammer genoeg vervielen ook Tellenbach en Pichler, die beiden zeer expliciet voor Josephine (en Minona Stackelberg als Beethovens dochter) kozen, min of meer in dezelfde fout. Zeker is Tellenbachs boek een belangrijke bijdrage aan de discussie en is Pichlers perfect geschreven biografie een waar genot om te lezen, maar wetenschappelijk gezien stelt Tellenbach toch enigszins teleur en kan Pichler gevoeglijk terzijde worden geschoven. Cooper, Van der Zanden en Lund kozen de kant van Solomon, ondanks alle nadelen van zijn hypothese. Zich pijnlijk bewust van de vele rafels, probeerden Van der Zanden en Lund correcties aan te brengen, die mijns inziens mislukt zijn. Lunds boek bestaat gedeeltelijk uit twee serieuze artikelen, waarin ze de stelling poneert dat Antonies laatste kind Karl Joseph Beethovens zoon was, gedeeltelijk uit een hijgerige, bijkans pornografische en volstrekt ongeloofwaardige roman, gebaseerd op Beethovens laatste decennium. Gelukkig besloot Van der Zanden zijn aanvechtbare visie te herzien in zijn voortreffelijke boek over Beethovens brieven, maar hij lijkt nog steeds de voorkeur te geven aan Antonie. In 1994 betrad Rose het strijdtoneel met zijn hypothese dat schoonzuster Johanna de gezochte vrouw is en neef Karl Beethovens zoon moet zijn geweest, waarmee het aantal buitenechtelijke kinderen dat de componist in de schoenen krijgt geschoven, tot maar liefst drie stuks steeg. In 1996 betraf Altman het strijdperk. Ze is rabiaat tegen de Antonie-hypothese, maakt Solomon en Lund met de grond gelijk, keert zich even heftig tegen de Johanna-hypothese, maar houdt een achterdeurtje open naar Josephine en breekt hartstochtelijk een lans voor Marie Erdödy. Helaas is haar hagiografische boek in wetenschappelijk opzicht een hilarische mislukking. Sinds enkele jaren hebben we enkele nieuwe kandidates: Almerie Esterházy, in oktober 2000 naar voren geschoven door Celeda/Pulkert, Barbara von Tschoffen, in juni 2002 geoffreerd door Brauneis, en Maria Anna von Liechtenstein, ook in 2002 aan de wereld voorgesteld, dit keer door Buschmann. Ik geef deze auteurs weinig kans de eer op te kunnen eisen. De allernieuwste hypothese is eigenlijk een oude: die voor Bettina Brentano, de afgelopen jaren in drie etappes (twee artikelen en een boek) gepubliceerd door Walden en vast en zeker gedoemd weer te verdwijnen wegens gebrek aan bewijs. Ondertussen ging en gaat het onderzoek door en terecht, want vooral de diverse archieven in landen die zich ooit achter het IJzeren Gordijn bevonden, waren en zijn nog lang niet zorgvuldig genoeg bestudeerd. Het meest professionele onderzoek werd en wordt verricht door Steblin, die diverse boeiende, tot nu toe over het hoofd geziene feiten over Josephine uit de archieven heeft weten op te diepen en die onlangs (2005 t/m 2009) heeft gepubliceerd. Mijns inziens zijn haar argumenten eigenlijk overtuigend genoeg om het raadsel als opgelost te beschouwen, maar helaas blijven er toch nog wel een paar vragen onbeantwoord, zodat meer onderzoek nodig blijft. De vurige verdediging van Josephine door Klapproth (2011) vertelt ons echter niks nieuws.
Literatuur over de familie Beethoven
Ook wat betreft de voogdij kan men niet heen om de uitdagende boeken van het echtpaar Sterba en Solomon, benevens het boeiende overzichtswerk van Wolf, die zich overigens meestal wel een aanhanger van Solomon betoont. Heel erg controversieel (om niet te zeggen grote onzin) is de hypothese van de bijna-naamgenoten Rose en De Roos, broederlijk verenigd in hun vermoeden dat neef Karl in feite zoon Karl was. Degene die iets sensationeels wil lezen, wende zich vooral tot deze auteurs. Degene die een zorgvuldige afweging van de feiten wil lezen, vermijde de heren echter angstvallig. De visie van de Sterba's maakte Tellenbach en Altman ontzettend boos. Het lijkt erop dat de slinger weer een beetje de andere kant uit begint te zwaaien wat betreft de algemene kijk op Beethovens houding tegenover zijn neef en zijn schoonzus, want ook Lund, Cooper en Lockwood zijn allesbehalve gecharmeerd van de Sterba's. In veel opzichten staan de dames Tellenbach, Altman en Lund recht tegenover elkaar, maar stuk voor stuk nemen ze Beethoven in bescherming tegen wat zij noemen de 'beschuldigingen' van vooral de Sterba's en in mindere mate Solomon en Wolf, maar ook Newman, Kerman, Kinderman en andere psychoanalytisch georiënteerde, redelijk recente onderzoekers van vooral Amerikaanse en in mindere mate Duitse origine. Wat betreft Beethovens familierelaties is, vermoed ik, niet veel meer te ontdekken in de diverse archieven. Met name Brandenburg heeft onlangs de laatste puzzelstukjes toegevoegd in zijn belangrijke artikel gewijd aan schoonzus Johanna. We zullen het dus moeten doen met de gegevens zoals we die nu tot onze beschikking hebben. Onontkoombaar voor de studie van Beethovens leven in het algemeen, maar vooral ook voor zijn familierelaties, zijn de zogenaamde Konversationshefte, die pas sinds kort compleet en uitgebreid geannoteerd tot onze beschikking staan. In de vroege jaren twintig werden pogingen tot (gedeeltelijke) uitgave + commentaar ondernomen door de ijverige onderzoeker Nohl, in de jaren veertig gevolgd door Schünemann en Prod'homme, in de jaren vijftig door de al genoemde Sterba's en in de jaren zestig door Magnani en MacArdle. Maar erg succesvol waren al deze pogingen niet. We moesten wachten tot de jaren zeventig, toen Köhler, Beck en Herre er op professionele wijze mee aan de slag gingen.
Literatuur over de patient Beethoven
Om de boeken van Larkin, Neumayr, Bankl/Jesserer, O'Shea en Davies komt men niet heen wat betreft Beethovens ziektes en doodsoorzaak, waarbij aan Bankl en Jesserer de eer toekomt als eerste delen van Beethovens schedel te hebben onderzocht, wat leidde tot de herziening van enkele tot dan toe mogelijke diagnoses. Degene die echt diepgaand is geïnteresseerd, is natuurlijk verplicht de vinger aan de pols te houden en ook publicaties in medische tijdschriften te lezen. Zie bijvoorbeeld Barnes, Czeizel, Lüderitz, Palferman, ScherfKubba/Young. Ook de moeite van het lezen waard zijn de al wat oudere boeken van Schweisheimer en Forster. Beide zijn zeer boeiend en bovendien helder geschreven. Als het gaat om het verkrijgen van een compleet overzicht van de historie van het onderzoek, is het compendium van Kerner, herzien en aangevuld door Schadewalt, zeer bruikbaar, maar er is geen geheel nieuwe diagnose in te vinden. Hoogstens een aanscherping van de vele al bestaande. Al deze zeer lezenswaardige auteurs zijn het niet helemaal eens, maar ook niet helemaal oneens. In hun boeken wordt in ieder geval niet over het hoofd gezien dat Beethoven veel meer alcohol dronk dan goed voor hem was. Het is jammer, hoewel volstrekt begrijpelijk, dat veel biografen en musicologen niet zoveel van geneeskunde en psychiatrie wisten en weten, want dat heeft menigmaal tot vreselijke misvattingen geleid, bijvoorbeeld als het gaat om een oordeel over de nu al decennia spraakmakende visie van het echtpaar Sterba dat overigens zelf ook de medische plank nog wel eens missloeg. Enige kennis van de opvattingen van de medicus/psychiater Freud en zijn vele navolgers is absoluut nodig om hun boek te kunnen begrijpen en waarderen (tot op zekere hoogte). In mindere mate geldt dit ook voor de publicaties van Solomon en Wolf uit de afgelopen drie decennia en het al wat oudere boek van Newman. Degene die een overzicht zoekt van alles wat er aan psychoanalytische verhandelingen over Beethoven is verschenen, moet Lange-Eichbaum niet overslaan. De laatste jaren begint zich een heftig conflict af te tekenen tussen biografen die niets moeten hebben van psychoanalyse op een dode en biografen die (enige) waarde toekennen aan een dergelijke benadering. Het laatste woord hierover is nog lang niet gezegd. Hoewel in 1990 iedereen zijn schouders ophaalde over De Roos en zijn uiterst aanvechtbare moordhypothese, mengde Altman zich enkele jaren geleden in de strijd met de mededeling dat ze het eigenlijk wel met hem eens is, in ieder geval wat betreft de veronderstelling dat Beethoven om zijn dissidente sympathieën zou zijn vergiftigd. Mijns inziens is er weinig reden hun hypotheses serieus te nemen. Veel belangrijker is een andere hypothese over Beethovens doodsoorzaak,  die uit Amerika komt (verricht door Walsh in opdracht van het Ira F.Brilliant Center for Beethoven Research in San José en gepubliceerd in etappes in 2000 t/m 2005, in Duitsland in 2002 dapper verdedigd door Ludewig). Het is gerelateerd aan het onderzoek naar een lok van Beethovens haar, afgeknipt na zijn dood. Men trof er uitzonderlijk veel lood in aan, wat aanleiding gaf tot de hypothese dat hij aan loodvergiftiging zou zijn gestorven. Medisch gezien is dat echter niet erg waarschijnlijk, want hij vertoonde niet de zeer specifieke symptomen van een dergelijke vergiftiging. Het centrum ging door met onderzoeken en vergeleek het haar met de botstukken waar Bankl en Jesserer hun onderzoek op hadden uitgevoerd. Belangrijkste conclusie: ook in de botstukken is het loodgehalte zeer hoog. Relevant is de publicatie van Reiter, die in 2007 een artikeltje in het Mitteilungsblatt van de Wiener Beethoven-Gesellschaft publiceerde en dat liet volgen door een verbeterde versie ervan in The Beethoven Journal. Hij bevestigt het onderzoek van Walsh en meent dat lood moet hebben bijgedragen aan Beethovens dood. De volgende bijdrage aan deze discussie is een publicatie van Eisinger, een Amerikaanse toxicoloog/biochemicus, die in 2007 in een vakblad liet weten dat hij ieder verband tussen Beethovens gezondheid en een loodvergiftiging naar de prullenbak verwijst, ondanks dat hoge loodgehaltein haar en bot. Hij herpubliceerde zijn artikel in The Beethoven Journal van 2008. Ook Lorenz is het in The Beethoven Journal van 2007 niet eens met Reiter. Een goed overzicht van de vele medische diagnoses voor Beethoven is te vinden in het voortreffelijke eerste boek van Davies, maar over zijn tweede boek ben ik beduidend minder te spreken. Het is erg speculatief met betrekking tot Beethovens psychische gezondheid en wordt ontsierd door biografische missers. Een jonge loot aan de stam van 'zielenknijpers' is Kopitz die in een enkele jaren geleden verschenen essay tevergeefs trachtte aan te tonen dat Beethoven een borderlinepatiënt zou zijn geweest. Veel beter bevalt mij een artikel uit 2006 van Klinger, gewijd aan de doofheid. Klingers conclusie: otosclerose. Daar zou hij best eens gelijk in kunnen hebben. Aanbevelenswaardig is ook de publicatie van de arts Mai, die een realistische blik blijkt te hebben.

XII.2 Bibliografie

Toelichting

Uiteraard is het hieronder volgende overzicht alfabetisch-lexicografisch gerangschikt, zij het onderverdeeld in een korte lijst met de oorspronkelijke bronnen, zoals Beethovens brieven, en een lange lijst met de vele secundaire bronnen, zoals biografieën. Vanwege hun persoonlijke relatie met Beethoven en hun latere publicaties over hem zal men sommige personen, zoals Gerhard Breuning, Ries, Schindler, Czerny, Wawruch en Wegeler, zowel hier als in het personenregister aantreffen.

Beethovens correspondentie, aantekeningen en conversatieboekjes
Albrecht, Theodore. Letters to Beethoven and other correspondence. Drie delen. (Nebraska, 1996)

Beethoven. The man and the artist, as revealed in his own words. Compiled by F.Kerst. Translated and edited by H.E.Krehbiel. (New York, 1964)

Beethovens Briefe und Aufzeichnungen. Auswahl und Erläuterungen von A.Leitzman und O.Goldhammer. (Leipzig, 1952)

Beethoven's letters. A critical edition with explanatory notes by A.C.Kalischer. Translated by J.S.Shedlock. First published in 1909. (New York, 1969)

Beethovens Tagebuch. Herausgegeben von M.Solomon und S.Brandenburg. (Mainz, 1990)

Besuch bei Beethoven. Aus zeitgenössischen Berichten und den Konversationsheften. Zusammengestellt von M.Hürlimann. (Zürich, 1948)

Bloemlezing uit de brieven van Ludwig van Beethoven. Nederlandse vertaling en samenstelling door W.Hutschenruyter. (Den Haag, 1939)

Brodszky, Franz. Wenn Beethoven ein Tagebuch geführt hätte. (Budapest, 1963)

Der heitere Beethoven. Eine Briefauswahl von M.Kupelwieser de Brioni. (München, 1969)

Letters of Beethoven. Translated and edited by E.Anderson. Drie delen. (London, 1961)

Ludwig van Beethoven. Berichte der Zeitgenossen, Briefe und persönliche Aufzeichnungen. Gesammelt und erläutert von A.Leitzmann. (Leipzig, 1921)

Ludwig van Beethoven. Briefe. Herausgegeben von H.Schaefer. (Berlin, 1984)

Ludwig van Beethoven. Heiligenstädter Testament. Herausgegeben von H.M.von Asow. (Wien/München, 1957)

Ludwig van Beethoven. In Briefen und Lebensdokumenten. Ausgewählt und erläutert von A.Würz und R.Schimkat. (Stuttgart, 1961)

Ludwig van Beethovens Briefe. Herausgegeben von A.Leitzmann. (Leipzig, 1912)

Ludwig van Beethovens Briefwechsel Gesamtausgabe. Hergestellt von S.Brandenburg. Acht delen. (München, vanaf 1996)

Ludwig van Beethovens Konversationshefte. Hergestellt von K.H. Köhler, G.Herre, D.Beck, D.Weise, G.Brosche u.a., im Auftrag der Deutsche Staatsbibliothek, Berlin. Twaalf delen. (Leipzig, vanaf 1968)

Ludwig van Beethovens sämtliche Briefe. Herausgegeben von E.Kastner, neuausgegeben von J.Kapp. (Berlin, 1923)

Overige bronnen
25 Jahre Wiener Beethoven-Gesellschaft in Wien-Heiligenstadt. (Wien, 1979).

Albrecht, Theodore and E.Schwensen. More than just Peanuts: Evidence for December 16 as Beethoven's Birthday. In: The Beethoven Newsletter (1988).

Albrecht, Theodore. Ludwig van Beethovens Konversationshefte. In: The Beethoven Journal (2002).

Altman, Gail. Beethoven: A Man of his Word. (Tallahassee, 1996).

Altman, Gail. Fatal Links. The Curious Deaths of Beethoven and the Two Napoleons. (Tallahassee, 1999).

Bachmann, L.G. Beethoven contra Beethoven: Geschichte eines berühmten Rechtsfalles. (München/Paderborn, 1963).

Ballová, L. Ludwig van Beethoven a Slovensko. (Osveto, 1972).

Bankl, Hans und H.Jesserer. Die Krankheiten Ludwig van Beethovens. Pathographie seines Lebens und Pathologie seiner Leiden. (Wien, 1987).

de Baranyai, G.L. et al. Ludwig van Beethoven. (München, 1970).

Barnes, D. Beethovens final illness. In: The Lancet (1996).

Bartels, Bernhard. Beethoven und Bonn. (Stuttgart, 1954).

Bauer, Elisabeth. Beethoven- unser musikalischer Jean-Paul. In: Musik-Konzepte. (1987).

Bauer, Elisabeth. Wie Beethoven auf dem Sockel kam. (Stuttgart/Weimar, 1992).

Beahrs, Virginia. The Immortal Beloved Revisited. In: The Beethoven Journal (1986).

Beahrs, Virginia. Beethoven's Only Beloved? New Perspectives on the Love Story of the Great Composer. In: Music Review (1993).

Beck, Dagmar und G.Herre. Einige Zweifel an der Überlieferung der Konversationshefte. In: Bericht über den Internationalen Beethoven-Kongress Berlin 1977. (Leipzig, 1978).

Beck, Dagmar und G.Herre. Anton Schindlers fingierte Eintragungen in den Konversationsheften. In: Zu Beethoven. Aufsätze und dokumente. (Berlin, 1980).

Beethoven im Mittelpunkt. Festschrift Internationales Beethovenfest Bonn 1970. (Bonn, 1970)

Bekker, Paul. Beethoven. Eerste druk 1911. (Stuttgart/Berlin/Leipzig, 1912).

Bellofatto, Luigi. Alexander Wheelock Thayer. In: Bonner Beethoven-Studien. (2006)

Bellofatto, Luigi. Einige neue Erkenntnisse aus dem Nachlass von Alexander Wheelock Thayer. In: Bonner-Beethoven-Studien. (2007)

Bettermann, Silke. Erinnerungen an Beethoven. Skizzen. Zeichnungen. Karikaturen. (Bonn, 1987)

Bettermann, Silke. Wenn die Hülle zu Staub geworden, dann erst steht der wahre Genius in vollendeter Wesenheit da... - die Porträts des sterbenden und toten Komponisten von Josef Teltscher und Josef Danhauser. In: Drei Begräbnisse und ein Todesfall. Herausgegeben von S.Bettermann, W.Brauneis, B.A.Kraus, M.Ladenburger und J.Schuchard. (Bonn, 2002)

Bettermann, Silke. Die beiden Damen-Miniaturportraits aus Beethovens Nachlass im Beethoven-Haus Bonn. In: Bonner Beethoven-Studien. (Bonn, 2004)

Boehn, Max. Miniaturen und Silhouetten. Eerste druk 1917. (München, 1919)

Bodin, F. and C.F.Cheinisse. Poisons. (London, 1970)

Böhme, Gerhard. Medizinische Porträts berühmter Komponisten. (Stuttgart/New York, 1979)

Borchard, Beatrix. Mit Schere und Klebstoff. Montage als Wissenschaftliches Verfahren in den Biographik. In: Festschrift für Rainer Cadenbach. (Würzburg, 2004)

Bory, Robert. Ludwig van Beethoven. Sein Leben und Werk in Bildern. (Zürich, 1960).

Bowden, Sylvia. ''A union of souls": finding Beethovens "distant beloved''. In: The Musical Times (2009)

Brandenburg, Sieghard. Der Freundeskreis der Familie Malfatti in Wien. Gezeichnet von Ludwig Schnorr von Carolsfeld. (Bonn, 1985)

Brandenburg, Sieghard. Beethovens Brief an die Unsterbliche Geliebte. (Bonn, 2001).

Brandenburg, Sieghard. Johanna van Beethoven's Embezzlement. In: Haydn, Mozart and Beethoven. Studies in the music of the classical period. Edited by S.Brandenburg. (Oxford/New York, 1998)

Brandenburg, Sieghard. Auf Spuren von Beethovens "Unsterblicher Geliebten". Einige kritische Überlegungen. In: Österreichische Musikzeitschrift. (2002).

Brauneis, Walther. Die Aufenthalte Beethovens und die Familie Esterházy im Jahr 1812 in den westböhmischen Bädern. In: Bonner Beethoven-Studien. (2001).

Brauneis, Walther. Beethoven-Häuser. (Bonn, 2001).

Brauneis, Walther. "...mache dass ich mit dir leben kann" Neue Hypothesen zur Identität der "Unsterblichen Geliebten". In: Österreichische Musikzeitschrift. (2002).

Brauneis, Walther. 200 Jahre "Heiligenstädter Testament". In: Mitteilungsblatt der Wiener Beethoven-Gesellschaft. (2003)

Brenneis, Clemens. Zum Fischhof-Manuskript. In: Bericht über den Internationalen Beethoven-Kongress Berlin 1977. (Leipzig, 1978)

Brenneis, Clemens. Das Fischhof-Manuskript. In: Zu Beethoven. Aufsätze und Annotationen. (Berlin, 1979).

Brenneis, Clemens. Das Fischhof-Manuskript in der Deutschen Staatsbibliothek. In: Zu Beethoven 2. Aufsätze und Dokumente. (Berlin, 1984).

Bresch, Sigrid. Beethovens Reisen zu den böhmischen Bädern in den Jahren 1811 und 1812. In: Beethoven und Böhmen. Herausgegeben von S.Brandenburg und M.Gutiérrez-Denhoff. (Bonn, 1988).

Breuning, Gerhard. Aus dem Schwarzspanierhause. Erinnerungen an Ludwig van Beethoven aus meinem Jugendzeit. Oorspronkelijke uitgave 1874. English translation by H.Mins en M.Solomon. (Cambridge/New York/Melbourne, 1992).

Brosche-Graeser, Gerda. Beethovens Unsterbliche Geliebte. Legende-Vermutung-Tatsachen. (Wien, 1974).

Brunswick, Therese. Mein halbes Jahrhundert. In: La Mara. Beethovens Unsterbliche Geliebte. Das Geheimnis der Gräfin Brunsvik und ihre Memoiren. (Leipzig, 1909).

Burrell, Lisa M. Music, narrative and seksual morality in the Kreutzer sonatas of Beethoven, Tolstoy and Janacek. (Ann Arbor, Michigan, 2003)

Burnham, Scott and M.P.Steinberg, editors. Beethoven and his world. (Princeton/Oxford, 2000).

Busch-Weise, Dagmar. Beethovens Jugendtagebuch. In: Studien zur Musikwissenschaft: Beihefte der Denkmäler der Tonkunst in Österreich. (Graz/Wien/Köln, 1962).

Buschmann, Brigitte. Fannys Tagebuch. Neue Überlegungen zu einer vielzitierten Quelle. In: Zu Beethoven. Aufsätze und Dokumente 3. (Berlin, 1988).

Buschmann, Brigitte. Gibt es neue Erkentnisse zu Goldschmidts Buch 'Um die Unsterbliche Geliebte'? In: Kunstwerk und Biographie. Gedenkschrift für Harry Goldschmidt. Herausgegeben von H-W.Heister. (Berlin, 2002).

Canisius, Claus. Beethoven. Sehnsucht und Unruhe in der Musik. Aspekte zu Leben und Werk. (München, 1992).

Caeyers, Jan. Beethoven. Een biografie. (Amsterdam, 2010)

Celeda, Jaroslav and O.Pulkert. Beethoven's Immortal Beloved. Revised by H-W.Küthen and translated by W.Meredith. In: The Beethoven Journal (2000). Zie ook bij Pulkert.

Clive, Peter. Beethoven and his world. A Biographical Dictionary. (Oxford, 2001).

Comini, Alessandra. The changing image of Beethoven. A study in Mythmaking. (New York, 1986).

Cooper, Barry et al. The Beethoven Compendium. Deutsche Übersetzung von C.Berktold, M.Fest und I.Lampe. (München, 1992). Nederlandse vertaling door M.M.C.Mengelberg. (Baarn, 1993).

Cooper, Barry. Beethoven's Immortal Beloved and Countess Erdödy: A Case of Mistaken Identity? In: The Beethoven Journal (1996)

Cooper, Barry. Beethoven. (New York, 2000).

Cooper, Barry, H-W.Küthen and W.Meredith. The 'Secret Drawer' in Beethoven's Last Apartment. In: The Beethoven Journal (2001)

Cooper, Martin. Beethoven, The last decade, 1817-1827. (London, 1970).

Corbineau-Hoffmann, Angelika. Testament und Totenmaske. (Hildesheim, 2000).

Czeizel. Murdering Beethoven. In: The Lancet. (1977).

Czeke, Marianne. Auszüge aus Therese Brunswicks Tagebüchern. (Budapest, 1938).

Czerny, Carl. Erinnerungen aus meinem Leben. Oorspronkelijke uitgave omstreeks 1860. Herausgegeben und mit Anmerkungen versehen von W.Kolneder. (Strasbourg/Baden-Baden, 1968).

Davies, Peter J. Beethoven in person. His deafness, Illnesses and Death. (Westport/London, 2001).

Davies, Peter J. The Character of a Genius: Beethoven in Perspective. (Westport/London, 2002).

Drescher, Kurt. Ludwig van Beethovens Neffe Karl und dessen Mutter Johanna: ihre Beziehung zu Baden. (Baden, 1988)

Dumont, Charles F. Ludwig van Beethoven. Die Geschichte eines unglücklichen glücklichen Lebens. (Zürich, 1959)

Duranteau, André. Dictionaire Médical. Nederlandse vertaling door T.de Jager. (Utrecht/Antwerpen, 1976)

Eisinger, Joseph. Was Beethoven Lead-Poisoned? In: The Beethoven Journal. (2008)

Emsley, John. The Elements of Murder. A history of poison. (Oxford, 2005)

Ernest, Gustav. Beethoven. Persönlichkeit, Leben und Schaffen. Tweede druk. (Berlin, 1926)

Finscher, Ludwig. Ludwig van Beethoven. Wege der Forschung. (Darmstadt, 1983)

Fischer, Johannes. Münchener Beethoven-Studien. (München, 1992)

Fischer, Hans Conrad en E.Kock. Ludwig van Beethoven. Nederlandse vertaling door M.de Metz. (Den Haag/Antwerpen, 1970)

Fischman, Nathan. Zur Frage der Datierung von Beethoven-Briefen. In: Zu Beethoven. Aufsätze und Dokumente 2. (Berlin, 1984).

Forster, Walther. Beethovens Krankheiten und ihre Beurteilung. (Wiesbaden, 1955).

Franken, Franz. Die Krankheiten grossen Komponisten. (Wilhelmshaven, 1986).

Freud, Sigmund. Sigmund Freud - Nederlandse Editie. (Meppel, 1980-1992).

Frimmel, Theodor. Neue Beethoveniana. (Wien, 1888).

Frimmel, Theodor. Ludwig van Beethoven. (Berlin, 1903).

Frimmel, Theodor. Beethovens äussere Erscheinung, Seine Bildnisse. In: Beethoven-Studien. Bd.I. (München/Leipzig, 1905).

Frimmel, Theodor. Bausteine zu einer Lebensgeschichte des Meisters. In: Beethoven-Studien. Bd.II. (München/Leipzig, 1906).

Frimmel, Theodor. Beethoven Jahrbuch I. (München, 1908).

Frimmel, Theodor. Beethoven-Forschung. Lose Blätter. Band I und II. (Wien, 1911/15).

Frimmel, Theodor. Beethoven Handbuch. Twee delen. (Leipzig, 1926).

Geck, Martin. Beethoven. Tweede druk. (Hamburg, 2001).

Geck, Martin und P.Schleuning. 'Geschrieben auf Bonaparte'. (Hamburg, 1989).

Giannatasio del Rio, Fanny. Tagebuch. In: L.Nohl. Eine stille Liebe zu Beethoven. (Leipzig, 1902).

Goldschmidt, Harry. Um die Unsterbliche Geliebte. Eine Bestandsaufname. (Leipzig, 1977).

Goldschmidt, Harry. Die Erscheinung Beethoven. Tweede druk. (Leipzig, 1985).

Goldschmidt, Harry. "Auf diese Art mit A geht alles zu Grunde". Eine umstrittene Tagebuchstelle in neuem Licht. In: Zu Beethoven. Aufsätze und Dokumente 3. (Berlin, 1988).

Goldschmidt, Harry. Aspekte gegenwärtiger Beethoven-Forschung. In: Zu Beethoven. Aufsätze und Annotationen. (Berlin, 1979).

Golz, Jochen und M.Ladenburger. Beethoven und Goethe. "meine Harmonie mit der Ihrigen verbunden". (Bonn/Weimar, 1999).

Gutiérrez-Denhoff, Martella. "Die gute Kocherey". Aus Beethovens Speiseplänen. (Bonn, 1988).

Harich, Johann et al. Schloss Esterházy. Geschichte und Beschreibung. (Wien, 1993).

Haupt, Günther. Gräfin Erdödy und J.X.Brauchle. In: Der Bär. (1927).

Hermand, Jost. Beethoven. Werk und Wirkung. (Köln/Wiemar/Wien, 2003).

Herriot, Eduard. Beethoven. (Frankfurt a.M., 1930).

Herttrich, Ernst. Beethoven. An die ferne Geliebte. (Bonn, 1999).

Hess, Willy. Beethoven. Tweede druk. (Winterthur, 1977).

de Hevesy, André. Beethoven. Vie intime. Nederlandse vertaling door A.Greshoff-Brunt. (Arnhem, 1927).

Hildesheimer, Wolfgang. Mozart. Tweede druk. (Frankfurt, 1977).

Hofbauer, Carl. Die Alservorstadt. (Wien, 1861).

Hoffmann, Freia. Wahrnehmungsprobleme. Beethoven und die Frauen. In: Der "männliche" und der "weibliche" Beethoven. (Bonn, 2003)

Hornyák, Maria. "Mein Alles, meine Glückseeligkeit..." Über die Liebe von Ludwig van Beethoven und Josephine Brunswick, Gräfin von Martonvásár. (Martonvásár, Hongarije, 1996).

Hübner, Hans und M.Kasperl. Postgeschichte auf Landkarten. Kartografische Dokumente zur deutschen Postgeschichte. (Berlin, 1996)

Irmen, Hans-Josef. Beethoven in seiner Zeit. (Zuelpich, 1998).

Irmen, Hans-Josef. Beethoven, Bonn und die Illuminati. In: Beethoven und die Rezeption der Alten Musik. (Bonn, 2002).

Jäger-Sustenau, Hanns. Beethoven-Akten im Wiener Landesarchiv. In: Beethoven-Studien. Leben und Umwelt. (Wien, 1970).

Jahn, Otto. Ein Brief Beethovens. In: Die Grenzboten XXVI. (1867).

Jahn, Otto. Ludwig van Beethoven als Mensch und Künstler. Heruitgave. (Elbing, 1977).

Jaklitsch, Rita. Das Leben Ludwig van Beethovens im Kino. (Wien, 2002).

Jestremski, Margret. Biographische Bezüge in Beethovens Liedschaffen. Zueignung - Zuneigung? In: Der "männliche" und der "weibliche" Beethoven. (Bonn, 2003).

Johnson, Paul. Nearer to God. In: National Review (1991).

Kalischer. A.C. Beethoven und Wien. Herausgegeben und ergänzt von K.Kirchberg. (omstreeks 1910).

Kalischer, A.C. Die "Unsterbliche Geliebte" Beethovens. Giulietta Guicciardi oder Therese Brunswick? (Dresden, 1891).

Karbusický, Vladimir. Beethovens Brief "An die Unsterbliche Geliebte" und sein musikalisches Werk. (Wiesbaden, 1977).

Karbusický, Vladimir. Ludwig van Beethoven. Briefe über Kunst, Liebe und Freundschaft. (Freiburg, 1992).

Kaznelson, Siegmund. Beethovens Ferne und Unsterbliche Geliebte. (Zürich, 1954).

Kerman, Joseph. An die Ferne Geliebte. In: Beethoven Studies. Edited by A.Tyson. (New York, 1973).

Kerman, Joseph and A.Tyson. The New Grove. Beethoven. (London, 1980).

Kerman, Joseph. The New Grove. Beethoven. Tweede druk. (London, 2000).

Kerner, Dieter. Grosse Musiker. Leben und Leiden. Vijfde druk. Neu bearbeitet von H.Schadewalt. (1.Auflage, Stuttgart, 1963).

Kerner, Dieter. Beethovens Krankheiten und sein Tod. In: Materia Therapeutica. (Wien, 1970).

Kinderman, William. Beethoven. (New York, 1995).

Kinderman, William. Anton Schindler as Beethoven's biographer. In: Kunstwerk und Biographie. Gedenkschrift für Harry Goldschmidt. Herausgegeben von H-W.Heister. (Berlin, 2002)

Kinderman, William. Die "Priesterin" und die Retterin. Über Geschlechterrolle in Leben und Kunst Beethovens. Der "männliche" und der "weibliche" Beethoven. (Bonn, 2003)

Klapproth, John E. Beethoven's Only Beloved: Josephine! (Charleston, SC, USA, 2011)

Klein, Rudolf. Beethovenstätten in Österreich. (Wien, 1970)

Klein, Rudolf. Ludwig van Beethoven im Pasqualati-Haus. In: Beethoven. Musikergedenkstätten. Historisches Museum der Stadt Wien. (Wien, 1997)

Klinger, Wolfram. Das Rätsel von Beethovens Gehörleiden. In: Bonner Beethoven-Studien. (2006)

Knittel, K.M. Pilgrimages to Beethoven: Reminiscences by his contemporaries. In: Music and Letters. (2003)

Klinger, Wolfram. Das Rätsel von Beethovens Gehörleiden. In: Bonner Beethoven-Studien. (2006)

Klódner, Anton. Beethovens Brief an die Unsterbliche Geliebte. In: Hudební rozhledy. (1962/63)

Kobald, Karl. Beethoven. Seine Beziehungen zu Wiens Kunst und Kultur, Gesellschaft und Landschaft. (Wien/München/Zürich, 1964)

Köhler, Karl-Heinz. ...Tochter aus Elysium. Werden und Uraufführung der Neunten Sinfonie Ludwig van Beethovens und die abenteuerlichen Wege des zerteilten Autographs. (Frankfurt/Wien, 2000)

Köhler, Karl-Heinz. '"...tausendmal leben!" Konversationen mit Herrn van Beethoven. (Leipzig, 1978)

Kopitz, Klaus M. "Sieben volle Monate": Beethoven und Therese von Zandt. In: Musica. (1995)

Kopitz, Klaus M. Antonie Brentano in Wien (1809-1812). Neue Quellen zur Problematik "Unsterbliche Geliebte". In: Bonner Beethoven-Studien. (Bonn, 2001)

Kopitz, Klaus M. Das Beethoven-Erlebnis Ludwig Thiecks und Beethovens Zerwürfnis mit Fürst Lichnowsky. In: Österreichische Musikzeitung. (1998)

Kopitz, Klaus M. Beethovens Wesen. Gedanken zu einer "Borderline-Persönlichkeit". In: Der "männliche" und der "weibliche" Beethoven. (Bonn, 2003)

Kopitz, Klaus u. Rainer Cadenbach. Beethoven aus der Sicht seiner Zeitgenossen in Tagebuechern, Briefen, Gedichten und Erinnerungen. (Muenchen, 2009)

Kopitz, Klaus Martin. Beethoven, Elisabeth Röckel und das Albumblatt "Für Elise". (Keulen, 2010)

Krapf, Erich. Anna Maria Erdödy geborene Niczky. Impressum: Verein der Freunde der Beethoven-Gedenkstätte in Floridsdorf. (Wien, 1987)

Kropfinger, Klaus. Beethoven. (Kassel/Stuttgart, 2001)

Kretschmer, Helmut. Beethovens Spuren in Wien. (Wien, 1998)

Krones, Hartmut. Ludwig van Beethoven. (Wien, 1999).

Kross, Siegfried. Beethoven. Mensch seiner Zeit. (Bonn, 1980).

Kruse, Matthias. Die Revolutionaerin und Menschheitszieherin Therese von Brunsvik - eine Seelenverwandte Ludwig van Beethovens. In: Jung-Kaiser, Ute u. Matthias Kruse. 1808 - ein Jahr mit Beethoven. Wegzeichen Musik 3. (Hildesheim, 2008)

Kubba, Adam and M.Young. Ludwig van Beethoven: A Medical History. In: The Lancet. (1996).

Küster, Konrad. Beethoven. (Stuttgart, 1994).

Küthen, Hans-Werner. Eine Miszelle zur Beethoven-Ikonographie. Miniaturporträts von Ludwig van Beethoven und seiner "Unsterblicher Geliebten" Almerie Comtesse Esterházy. In: Bonner Beethoven-Studien. (Bonn, 2001).

Kybalová, Ludmilla. Das grosse Bilderlexikon der Mode. (Prag, 1966).

La Mara (Marie Lipsius). Beethoven und die Brunsviks. Nach Familienpapieren aus Therese Brunsviks Nachlass. (Leipzig, 1920).

Ladenburger, Michael. Beethoven und sein Bonner Freundenkreis. Ausgewählte Dokumente aus der Sammlung Wegeler. (Bonn, 1998).

Ladenburger, Michael und F.Grigat. Beethovens 'Mondschein-Sonate'. Original und romantische Verklärung. (Bonn, 2003).

Lange-Eichbaum, Wilhelm und W.Kurth. Genie, Irrsinn und Ruhm. Neu bearbeitet von W.Ritter. (München/Basel, 1985).

Larkin, Edward. Beethovens Medical History. In: M.Cooper. Beethoven, The last decade, 1817-1827. (Oxford/London, 1970).

Leitzmann, Albert. Beethoven und Therese Malfatti. Eine kritische Studie. In: Deutsche Rundschau. (1911)

Lemke, Ann Willison. Bettines Beethoven: Wahrheit und Dichtung. In: Massstab Beethoven? Komponistinnen im Schatten des Geniekults. (München, 2001).

Ley, Stephan. Beethoven als Freund der Familie Wegeler-Breuning. (Bonn, 1927).

Ley, Stephan. Ein Bild von Beethovens Unsterblicher Geliebten? In: Atlantis. (1933).

Ley, Stephan. Beethovens Leben in authentischen Bildern und Texten. (Berlin, 1925).

Ley, Stephan. Beethoven. Sein leben in Selbstzeugnissen, Briefen und Berichten. (Berlin, 1939).

Ley, Stephan. Wahrheit, Zweifel und Irrtum in der Kunde von Beethovens Leben. (Wiesbaden, 1955).

Lockwood, Lewis. Film Biography as Travesty: 'Immortal Beloved' and Beethoven. In: The Musical Quarterly. (1997).

Lockwood, Lewis. Beethoven. The Music and the Life. (New York/London, 2003).

Loesch, Heinz und C.Raab. Das Beethoven-Lexikon. (Laaber, 2007).

Loos, Helmut et al. Beethoven und die Nachwelt. Materialien zur Wirkungsgeschichte Beethovens. (Bonn, 1986).

Lorenz, Michael. "Viele glaubten und glauben, noch, absichtlich." Der Tod der Ludovica Siboni. In: Schubert durch die Brille. (1999)

Lorenz, Michael. Commentary on Wawruch's report: Biographies of Andreas Wawruch and Johann Seibert, Schindler's Responses to Wawruch's Report and Beethoven's Medical Condition and Alcohol Consumption. In: The Beethoven Journal. (2007)

Lüderitz, B. Beethoven's final illness. In: The Lancet. (1996)

Ludewig, Reinhard und S.Seufert. Beethoven und das Gift im Wein. In: Ärzteblatt Sachsen. (2002)

Lund, Susan. Raptus. A Novel about Beethoven. With Introductory Articles. (Melbourn, U.K., 1995)

Lund, Susan. "The Visit That Beethoven Did Not Make": A Journey to the Brentanohaus in Winkel, Germany. In: The Beethoven Journal. (1998)

Lux, Joseph. Beethovens unsterbliche Geliebte. (Berlijn, 1926)

Macek, Jaroslav. Beethovens Freund Karl Peters und seine Frau. In: Beethoven und Böhmen. Herausgegeben von S.Brandenburg und M.Gutiérrez-Denhoff. (Bonn, 1988)

MacArdle, Donald. Beethoven, Artaria, and the C. Major Quintet. In: The Musical Quarterly. (1948)

Magnani, Luigi. I Quaderni di Conversazione di Beethoven. Deutsche Übersetzung von R.M.Gschwend. (München, 1967)

Mai, François Martin. Diagnosing Genius: The Life and Death of Beethoven. (Montreal, 2007)

Mann, Werner. Beethoven in Bonn. Seine Familie, seine Lehrer und Freunde. (Bonn, omstreeks 1982).

Marek, George. Beethoven. Life of a genius. Deutsche Übertragung von R.Kebelmann. (München, 1970).

Maruyama, Keisuke. Die Sinfonie des Prometheus. In: Musik-Konzepte. (1987).

Marx, Adolf. Ludwig van Beethoven. Leben und Schaffen. Eerste druk omstreeks 1865. (Leipzig, 1902).

Massin, Jean und Brigitte. Ludwig van Beethoven. Deutsche Übersetzung von C.Mai. (München, 1970).

Massin, Jean et Brigitte. Recherche de Beethoven. (Paris, 1970).

Maurois, André. Mystère des amours. In: Beethoven, das Genie und seine Welt. Deutsche Übersetzung von E.Heuser und K.Bellerstein. (München, 1963).

May, Jürgen. Beethoven and Prince Lichnowsky. In: Beethoven Forum. (1994).

Meredith, William. Moral Musings: Testing the Candidacy of Almerie Esterhazy against the Antonie Brentano Theory. In: The Beethoven Journal. (2000).

Meredith, William. Beethoven Papers Read at the 2001 Meeting of the American Musicological Society. In: The Beethoven Journal. (2002).

Meredith, William. The peripathetic journey and history of the Beethoven's skull fragments. In: The Beethoven Journal. (2005/6).

Moering, Renate. Bettine von Arnims literarische Umsetzung ihres Beethoven-Erlebnisses. In: Der "männliche" und der "weibliche" Beethoven. (Bonn, 2003).

Moore, Julia. Beethoven and inflation: hol' der Henker das Ökonomisch-musikalische! In: Beethoven Forum. (1992).

Mühlbrecht, Otto. Beethoven und seine Werke. (Leipzig, 1866).

Münster, Robert. Anna Maria Gräfin Erdödy. In: J.Fischer. Münchener Beethoven-Studien. (München, 1992).

Nettl, Paul. Beethoven und seine Zeit. (Frankfurt, 1958)

Neumayr, Anton. Musik und Medizin. (Wien, 1987)

Neumayr, Anton. Berühmte Komponisten im Spiegel der Medizin. (Wien, 2007)

Newman, Ernest. The Unconscious Beethoven. (New York, 1927)

Noering, Ulrich. Beethoven und Ungarn. (Budapest, 1995)

Nohl, Ludwig. Beethovens Leben. Vier delen. Eerste druk 1864/70. (München/Leipzig, 1909).

Nottebohm, Gustav. Beethoveniana. Aufsätze und Mitteilungen. (Leipzig, 1872).

Nottebohm, Gustav. Zweite Beethoveniana. Nachgelassene Aufsätze. (Leipzig, 1887).

O'Shea, John. Music and medicine. (London, 1990).

Querido, Isaac. De jeugd van Beethoven. (Amsterdam, 1919).

Paap, Wouter. Ludwig van Beethoven. (Amsterdam, omstreeks 1935).

Palferman, Thomas. Beethoven's Medical History: Themes and Variations. In: The Beethoven Journal (1992).

Palferman, Thomas. Beethovens nephropathy and death. In: Journal of the Royal Society of Medicine. (1995).

Petrás, Stanislav. Kastiel' Dolná Krupá. (Dolná Krupá, 1999).

Pfohl, Ferdinand. Beethoven. (Leipzig, 1922).

Pfordten, H. von der Beethoven. (Leipzig, 1907).

Pichler, Ernst. Beethoven. Mythos und Wirklichkeit. (Wien/München, 1994).

Pulkert, Oldrich. Beethovens "Unsterbliche Geliebte". In: Ludwig van Beethoven im Herzen Europas. Leben und Nachleben in den bömischen Ländern. (Prag, 2000). Zie ook bij Celeda.

Pulkert, Oldrich. Almerie Esterházy Revisited. In: The Beethoven Journal. (2002). Zie ook bij Celeda.

Raab, Armin. Beethovens Mutter - Legenden und Tatsachen. In: Bonner Beethoven-Studien. (Bonn, 1999).

Raab, Claus. Merkwürdige Geschichten und Gestalten um einen Walzer: Ludwig van Beethovens Diabelli-Variationen op.120. (Saarbrücken, 1999).

Racek, Jan. Beethoven und Goethe in Teplitz. In: Studien zur Musikwissenschaft. (1962).

Racek, Jan. Beethoven auf Schloss Grätz bei Troppau in den Jahren 1806 und 1811. In: Beethoven-Symposion. Herausgegeben von E.Schenk. (Wien, 1970).

Racek, Jan. Wann und wo entstand Beethovens Brief an die "Unsterbliche Geliebte". In: Mitteilungen der Kommission für Musikforschung. (Wien/Köln/Graz, 1972).

Reiter, Christian. Beethovens Todesursachen und seine Locken. In: Mitteilungsblatt der Wiener Beethoven-Gesellschaft. (2007)

Reiter, Christian. The Causes of Beethoven's Death and His Locks of Hair: A Forensic-Toxicological Investigation. In: The Beethoven Journal. (2007)

Ries, Ferdinand und F.Wegeler. Biographische Notizen über Ludwig van Beethoven. Oorspronkelijke uitgave 1838. Neudruck von A.C.Kalischer. (Berlin/Leipzig, 1906).

Riezler, Walter. Beethoven. (Berlin/Zürich, 1942).

Robbins Landon, H.C. Beethoven. Eerste druk 1970. (London/Zürich, 1974).

Robbins Landon, H.C. Beethoven - und Fidelio (Leonore). In: Beethoven. Musikergedenkstätten. Historisches Museum der Stadt Wien. (Wien, 1997).

Rolland, Romain. La vie de Beethoven. Nederlandse vertaling door J.de Jong, herzien door M.Boereboom. (Amsterdam, 1927)

Rolland, Romain. Beethoven. Les grandes époques créatrices. Deutsche Übersetzung von Th.Mutzenberger. (Leipzig, 1930)

Rolland, Romain. Beethoven. Authorisierte Deutsche Übersetzung von L.Langnese-Hug. (Zürich, 1920).

Roos, Harke de. Beetgenomen door Beethoven. Nieuwe oplossingen voor oude raadsels. (Katwijk, 1990).

Rose, Bernard and J.Ellison. Immortal Beloved. (London, 1994).

Rothstein, Edward. Beethoven at dusk. In: The New Republic. (1988).

Scherf, Horst. 'Er trank masslos viel Wasser'. In: Euromed. (1970).

Scherf, Horst. Die Legende vom Trinker Beethoven. In: J.Fischer. Münchener Beethoven-Studien. (München, 1992).

Schiedermair, Ludwig. Der junge Beethoven. (Leipzig, 1925).

Schindler, Anton. Biographie von Ludwig van Beethoven. Oorspronkelijke uitgave 1840. Neu hergestellt von E.Klemm. (Leipzig, 1970)

Schlosser, Johann Aloys. Beethoven. Heruitgegeven als Beethoven. The first biography. Edited with an introduction and notes by B.Cooper and translated by R.Pauly. (Portland, Oregon, 1996).

Schmidt, Leopold. Beethoven. Werke und Leben. (Berlin, 1924).

Schmidt-Görg, Joseph. Beethoven. Die Geschichte seiner Familie. (Bonn, 1964).

Schmidt-Görg, Joseph. Wasserzeichen in Beethoven-Briefen. In: Beethoven-Jahrbuch 1961/64. (Bonn, 1966).

Schmidt-Görg, Joseph. Wer war "die M." in einer wichtigen Aufzeichnung Beethovens? In: Beethoven-Jahrbuch 1961/64. (Bonn, 1966)

Schmidt-Görg, Joseph. Neue Schriftstücke zu Beethoven und Josephine Gräfin Deym. In: Beethoven-Jahrbuch 1965/68. (Bonn, 1969)

Schmidt-Görg, Joseph and H.Schmidt. Ludwig van Beethoven. Bicentennial edition. (Hamburg, 1970).

Schmidt-Görg, Joseph. Beethoven. Dreizehn unbekannte Briefe an Josephine Gräfin Deym, geb.v.Brunsvik. Neu herausgegeben von S.Brandenburg. (Bonn, 1986).

Schmidt-Görg, Joseph. Des Bonner Bäckermeisters Gottfried Fischer Aufzeichnungen über Beethovens Jugend. (Bonn, 1971)

Schmitt, Ulrich. Revolution im Konzertsaal. (Mainz, 1990).

Schmitz, Arnold. Das Romantische Beethovenbild. (Bonn, 1927).

Schönbauer, Leopold. Das medizinische Wien. (Wien, 1947).

Skwara, Dagmar und R.Steblin. Ein Brief Christoph Freiherr von Stackelberg an Josephine Brunsvik-Deym-Stackelberg. In: Bonner Beethoven-Studien. (2007).

Schwarz-Danuser, Morika. Wie kam das Autograph der 'Appassionata' nach Paris? In: Massstab Beethoven? Komponistinnen im Schatten des Geniekults. (München, 2001).

Schweisheimer, Waldemar. Beethovens Leiden. Ihr Einfluss auf sein Leben und Schaffen. (München, 1922).

Schweisheimer, Waldemar. Haben Sie den Meister richtig behandelt? In: Med.Welt (1959).

Scott, Marion. Beethoven. Heruitgave, eerste druk 1899. (London, 1934).

Seyfried, Ignaz. Eine biographische Skizze. In: Ludwig van Beethovens Studien in Generalbass. Oorspronkelijke uitgave 1832. Geheel herziene uitgave uit 1852 door H.Pierson. Facsimile heruitgave hiervan, waarin opgenomen Nottebohm, Zweite Beethoveniana. (Hildesheim, 1967).

Sharma, O. Beethoven's illness: Whipple's disease rather than sarcoidosis? In: Journal of the Royal Society of Medicine. (1994)

Skwara, Dagmar und R.Steblin. Ein Brief Christoph von Stackelbergs an Josephine Brunsvik-Deym-Stackelberg. In: Bonner Beethoven-Studien. (2007)

Smolle, Kurt. Beethovens Unsterbliche Geliebte. (Wien, 1947).

Smolle, Kurt. Wohnstätten Ludwig van Beethovens von 1792 bis zu seinem Tod. (Bonn, 1970).

Solomon, Maynard. New light on Beethoven's letter to an unknown woman. In: The Musical Quarterly. (1972).

Solomon, Maynard. Antonie Brentano & Beethoven. (Oxford, 1977).

Solomon, Maynard. Beethoven. (London/New York, 1977).

Solomon, Maynard. Beethoven Essays. (London/New York, 1988)

Solomon, Maynard. Beethoven, Freemasonry and the Tagebuch of 1812-1818. In: Beethoven Forum. (2000)

Sonneck, O.G. The riddle of the Immortal Beloved. (New York, 1927)

Specht, Richard. Bildnis Beethovens. (Hellerau bei Dresden, 1930)

Stadlaender, Chris. 'Ewig unbehaust und verliebt...' Beethoven und die Frauen. (Wien, 2001)

Staehelin, Martin. Beethovens Brief an der Freiherrn von Schaden von 1787. (Bonn, 1982)

Steichen, Dana. Beethoven's Beloved. (New York, 1959)

Steblin, Rita. Beethovens Lebensmaske in einem Bericht von C.F.Pohl. In: Mitteilungsblatt der Wiener Beethoven-Gesellschaft. (1996)

Steblin, Rita. Josephine Gräfin Brunswick-Deyms Geheimnis enthüllt. In: Österreichische Musikzeitschrift. (2002)

Steblin, Rita. "Höchle zeichnete mir diesen Leichenzug" Anton Gräffer, Johann Nepomuk Hoechle und die verschollene Zeichnung von Beethovens Begräbnisfeier. In: Wiener Geschichtsblätter. (2004)

Steblin, Rita. Reminiscenses of Beethoven in Anton Gräffer's unpublished memoirs. In: Bonner Beethoven-Studien. (2005)

Steblin, Rita. "Auf diese Art met A geht alles zu Grunde". A new look at Beethoven's Diary Entry and the "Immortal Beloved". In: Bonner Beethoven-Studien. (2007)

Steblin, Rita. Beethovens "Unsterbliche Geliebte". Des Rätsels Lösung. In: Österreichische Musikzeitschrift. (2009)

Steblin, Rita. A Dear, Enchanting Girl Who Loves Me and Whom I Love: New Facts about Beethoven's Beloved Piano Pupil Julie Guicciardi. In: Bonner Beethoven-Studien. (2009).

Sterba, Richard en Editha. Ludwig van Beethoven and his nephew. A psychoanalytical study of their relationship. Heruitgave, eerste druk 1954. (München/New York, 1964/1971)

Stöhr, August Leopold. Kaiser Karlsbad und dieses weit berühmten Gesundheidsortes Sehenswürdigkeiten, für Kurgäste, Nichtkurgäste und Karlsbader selbst. Zweyte, vermehrte Auflage. (Karlsbad, 1812)

Sullivan, J.W.N. Beethoven. His spiritual development. (New York, 1927)

Tellenbach, Marie-Elisabeth. Beethoven und seine "Unsterbliche Geliebte" Josephine Brunswick. (Zürich, 1984)

Tellenbach, Marie-Elisabeth. Noch eine Geliebte Beethovens gefunden - oder erfunden? In: Musica. (1995)

Tellenbach, Marie-Elisabeth. Die Bedeutung des Adler-Gleichnisses in Beethovens Brief an Therese Gräfin Brunswick. In: Die Musikforschung. (1999)

Tenger, Mariam (pseudoniem van Marie Hepke-von Hrussoczy). Recollections of Countess Theresa Brunswick (Beethovens  "Unsterbliche Geliebte"). Translated by G.Russell. (London, 1893)

Thayer, Alexander Wheelock. The life of Ludwig van Beethoven. Edited, revised and amended from the original English manuscript and the German editions of Hermann Deiters and Hugo Riemann, concluded and all the documents newly translated by Henry Edward Krehbiel. Drie delen. (New York, 1921)

Thayer, Alexander Wheelock. Ludwig van Beethovens Leben. Band I-III, hrgs. von Hermann Deiters, Berlin, 1866-79; Band IV-V, hrgs. von Hugo Riemann, Leipzig, 1907-1908; translated, revised and updated by Elliot Forbes as Thayer's life of Beethoven. Twee delen. Oorspronkelijke uitgave vanaf 1860. (Princeton, 1964/7)

Thomas-San-Galli, W.A. Die Unsterbliche Geliebte Beethovens. Amalie Sebald. Lösung eines vielumstrittenen Problems. (Halle, 1909)

Unger, Max. Beethovens Teplitzer Badereisen von 1811 und 1812. In: Neue Musik-Zeitung. (1918)

Unger, Max. Ein Schweizer Beethovensammlung. In: Neues Beethoven-Jahrbuch. (1933)

Unger, Max. Zum Problem von Beethovens Unsterbliche Geliebte. In: Musikalisches Wochenblatt. (1909)

Unger, Max. Auf Spuren von Beethovens "Unsterblicher Geliebten". (Langensalza, 1911)

Unger, Max. Beethovens Handschrift. (Bonn, 1926)

Valentin, Erich. Beethoven. Ein Bildbiographie. Nederlandse vertaling door J.M.Komter. (Den Haag, 1964)

Volkmann, Hans. Beethovens Friedensmotiv und andere Beethovenaufsätze. (Hamburg, 1947)

Walden, Edward. Beethoven's letters to Bettina von Arnim. In: The Beethoven Journal. (1999)

Walden, Edward. Beethovens "Immortal Beloved": Arguments in support of the candidacy of Bettina Brentano. In: The Beethoven Journal. (2002)

Walden, Edward. Beethoven's Immortal Beloved. Solving the Mystery. (Plymouth, UK, 2011)

Wallner, Viktor. Ludwig van Beethoven und Baden. (Baden, 1998)

Walsh, William J. Press release of October 17 of The Health Institute and Pfeiffer Treatment Center on the chemical study of Beethoven's hair. (Naperville, USA, 2000)

Wawruch, Andreas. Ärztliche Rückblick auf L.van Beethovens letzte Lebensepoche. (Leipzig, 1843)

Waugh, Norah, The cut of womens cloting, 1600-1930. (New York, 1968)

Weiss, Rick. Study Concludes Beethoven Died of Lead Poisoning. In: The Washington Post. (6 december, 2005)

Wentges, R.Th.R. Het verdwenen rotsbeen. In: De loden last. Beroemdheden en hun ziektes. Onder redactie van J.J.E. van Everdingen en F.A.E.M.Meulenberg. (Amsterdam, 1994)

Wessely, Othmar. Zur Geschichte des Equals. In: Beethoven-Studien. Werk und Vermächtnis. (Wien, 1970)

Wessem, Constant van. Beethoven. (Utrecht, 1947)

Wetzstein, Margot. "Ich bin in Todesangst wegen dem Quartet". Aus Beethovens letzten Jahren. (Bonn, 2001)

Wetzstein, Margot. Familie Beethoven in Kurfürstlichen Bonn. Neuauflage nach den Aufzeichnungen des Bonner Bäckermeisters Fischer. (Bonn, 2006)

Wiemann, Martha en K.Storck. Wege zu Beethoven. Ein volkstümliches Beethoven-Buch. (Regensburg, 1938)

Wien: Politische Geschichte. Entwicklung und Bestimmungskräfte grossstädtischer Politik. Teil 1: 1740-1895. (Wien, 1985)

Willander, Alfred. Beethoven und Baden. (Baden, 1989)

Wolf, Stefan. Beethovens Neffenkonflikt. (München, 1995)

Wruss, Michael. Beethoven und England. (Wien, 2001)

Zanden, Jos van der. Beethoven. Nieuwe onthullingen. (Haarlem, 1993)

Zanden, Jos van der. Beethoven in zijn brieven. (Haarlem, 1997)

Zanden, Jos van der. Love or pity? A musical message from Beethoven's grandfather. In: The Beethoven Journal. (2000)

Zanden, Jos van der. Ferdinand Ries in Wien - Neue Perspektiven zu den 'Notizen'. In: Bonner Beethoven-Studien. (Bonn, 2005)

Zobeley, Fritz. Beethoven. Veertiende druk. (Hamburg, 1981)


Terug naar boven

XIII PERSONENREGISTER

Toelichting

Met uitzondering van een paar overbekende personen, zoals Goethe en Haydn, enkele zeer onbelangrijke personen en de hoofdpersonen van dit boek (vader Johann van Beethoven, moeder Maria Magdalena Keverich, de broers Ludwig, Carl en Johann van Beethoven, schoonzuster Johanna Reiss en haar zoon Karl, benevens de echtparen Brentano, Stackelberg, Erdödy en Ertmann), staan hieronder in het register relevante gegevens over alle andere medespelenden, uiteraard alfabetisch-lexicografisch gerangschikt. 

A B C D E F G H J K L M N O P R S T V W Z

Amenda, Carl,
1771-1836
Duitse predikant, violist, studeerde in 1798/99 in Wenen en was heel innig bevriend met Beethoven. Na zijn vertrek correspondeerden ze in een zeer sentimentele stijl die nog wel eens tot speculaties over de aard van de vriendschap heeft geleid.
Andrian (of Andrehan)-Werburg, Eduard Carl,
1777-1842

Karl von Andrehan noemde zichzelf Baron Eduard Carl von Andrian-Werburg. In 1814 maakte hij kennis met Josephine Brunswick. Hij was toen twee keer met de politie in aanraking geweest. Toch trad hij bij haar in dienst als gouverneur voor haar zoon Fritz Deym, maar een jaar later verdween hij weer uit haar leven, samen met baby Emilie, zijn dochter en tevens Josephines laatste kind, geboren in september 1815, aan de mazelen gestorven in 1817.

Arnim, Achim,
1781-1831
Duitse auteur, vanaf begin 1811 echtgenoot van Bettina Brentano, publiceerde samen met zijn zwager Clemens de volksliederenverzameling Des Knaben Wunderhorn. Er is geen persoonlijke relatie met Beethoven bekend.
Bach, Johann Baptist,
1779-1847
Kundige Oostenrijkse advocaat en dekaan van de Weense universiteit, vanaf 1819 met succes door Beethoven geraadpleegd in de strijd tegen zijn schoonzuster Johanna om de voogdij over zijn neefje Karl.
Beethoven, Louis/Ludwig,
1712-1773
Hofmusicus te Bonn, vader van Johann, grootvader van Ludwig, Caspar Anton Carl en Nikolaus Johann. Als musicus goed, als mens minder geslaagd. Maar overigens was hij een keurige burger en hij maakte een voortreffelijke carrière. Hij stierf de dag voor Kerstmis aan een beroerte.
Beethoven, Ludwig Maria,
1769-1769
Eerste kind van Johann en Maria Magdalena, reeds na zes dagen gestorven. Psychologisch georiënteerde biografen menen wel eens dat Beethoven zich een 'vervangkind' voor zijn overleden broertje voelde. Dat zou de relatie met zijn ouders geen goed hebben gedaan.
Bernard, Carl Joseph,
1775-1850
Journalist, maakte in 1814 met Beethoven kennis, maar pas vanaf ongeveer 1818 waren ze bevriend. De vriendschap sneefde enkele jaren later toen ze zich samen in een artistiek project stortten. Dat hadden ze beter niet kunnen doen.
Bertolini, Joseph,
1784-1861
Beethovens huisarts in de periode van ongeveer 1810 tot 1816, in samenwerking met Staudenheim en Malfatti, heeft om onbekende redenen zijn hele dossier over hem vernietigd. Hij overleefde zijn beroemde patient met vele jaren en liet zich door biograaf Thayer uitvoerig interviewen (zie ook bij Staudenheim en Malfatti).
Bigot de Morogues, Marie,
1786-1820
Goede pianiste, getrouwd, woonde in Wenen van 1804 tot 1809. Beethoven deed haar in 1807 een, volgens haar man, oneerbaar voorstel en kreeg ruzie met hem. Josephine Brunswick kende Marie goed, want toen ze naar Zwitserland vertrok in 1808, vertrouwde ze haar dochters aan haar toe.
Birkenstock, Johann Melchior, 1738-1809 Rijke Weense intellectueel en kunstmecenas, vader van Antonie. Het is niet helemaal duidelijk of hij Beethoven ook persoonlijk kende. Volgens Antonie zou Beethoven in de jaren negentig contact met haar vader hebben gehad, maar misschien bedroog haar geheugen haar, want er zijn geen bewijzen voor.
Blöchlinger, Joseph Urban,
1788-1855
Zwitsere pedagoog, hoofd van een Weense school met een goede naam, gestoeld op de principes van Pestalozzi. Neef Karl bezocht deze school (en met succes).
Brauchle, Joseph Xaver,
1783-1838
Vanaf ongeveer 1803/4 de gouverneur van de kinderen van Marie en Peter Erdödy, mogelijk ook Maries minnaar. Hij bleef tot haar dood bij haar in de buurt, ondanks het feit dat hij in 1824 trouwde met Elisabeth Dressler.
Braunhofer, Anton,
1780-1845
Weense arts en natuurgenezer/homeopaat, die twee keer in Beethovens leven zijn huisarts was: in 1820 en in 1825/26. Beide keren zag hij kans Beethovens klachten (voorlopig) te doen verdwijnen. De componist bedankte de dokter met wat muziek.
Brentano, Bettina,
1785-1859
Halfzuster van Franz, zuster van Clemens. Ze was in mei/juni 1810 in Wenen, ontmoette Beethoven, veroverde hem, maar vertrok weer en verloofde zich met Arnim, met wie ze in 1811 trouwde en in Berlijn ging wonen. Ze vergaarde roem als schrijfster, dichteres en feministe. Ze beschreef haar huwelijk later als een 'marteling' en het kwam tot een officieuze scheiding. Toch bleef ze haar man vereren als kunstenaar en ze zorgde na zijn vroege dood gewetensvol voor zijn literaire nalatenschap. Maar hertrouwen deed ze niet, ondanks de aanwezigheid van zeven kinderen. Ze is onlangs opnieuw onder de aandacht gebracht als kandidate voor de rol van Beethovens onsterfelijke geliefde, maar ik geef haar weinig kans.
Brentano, Clemens,
1778-1842
Duitse auteur, (half)broer van Franz en Bettina. Hij publiceerde samen met zijn zwager Arnim de volksliederenverzameling Des Knaben Wunderhorn. Hij deed, via zijn schoonzuster Antonie en zijn zuster Bettina, tevergeefs pogingen de door hem zeer vereerde Beethoven te interesseren voor een door hem geschreven gedicht. Misschien hebben ze elkaar in 1811 ontmoet en in ieder geval uit 1814 is een bezoek door Clemens aan Beethoven en bijbehorende, summiere correspondentie gedocumenteerd.
Brentano, Karl Joseph,
1813-1850
Laatste kind van Antonie Birkenstock, geboren binnen haar huwelijk met Brentano. Volgens sommigen zou hij Beethovens biologische zoon zijn geweest. Hij werd als kleuter ernstig ziek (mogelijk een infectie, gevolgd door een hersenvliesontsteking) en bleef zwaar gehandicapt, fysiek zowel als mentaal. Er is een portret van hem dat hem toont als jongetje van ongeveer acht tot tien jaar oud, stevig ingesnoerd zittend in een rolstoel.
Brentano, Maximiliane,
1802-1861
Oudste dochter van Franz en Antonie. Beethoven was erg op haar gesteld. Ze was een goede pianiste en hij schonk haar wat muziek.
Breuning, Helena,
1750-1838
Moeder van Stephan, Leonore en Lorenz. Ze vertroetelde Beethoven tijdens zijn puberteit en hij dweepte met haar en haar dochter.
Breuning, Gerhard,
1813-1892
Arts, zoon van Stephan. Als jonge puber kwam hij vaak bij Beethoven over de vloer en hij heeft ons een boeiend en belangrijk boekje (Erinnerungen aus dem Schwarzspanierhause) nagelaten over Beethovens laatste twee levensjaren.
Breuning, Eleonore,
1771-1841
Zuster van Stephan en Lorenz, dochter van Helena, werd Leonore of Lorchen genoemd. Rond 1791 was Beethoven, die haar en haar broer Lorenz pianoles gaf, in haar geïnteresseerd en men krijgt de indruk dat deze gevoelens wel wederzijds waren. Maar na zijn vertrek naar Wenen trouwde ze in 1802 met Wegeler en Beethoven heeft haar niet meer ontmoet.
Breuning, Lorenz,
1776-1798
Broer van Leonore en Stephan, zoon van Helena, werd Lenz genoemd. Vanwege zijn studie woonde hij van 1794 tot 1797 in Wenen, gedurende welke periode hij veel met Beethoven omging. De componist was heel erg op hem gesteld, waarschijnlijk meer dan andersom. Na zijn terugkeer naar Bonn stierf Lenz plotseling.
Breuning, Stephan,
1774-1827
Jurist, vader van Gerhard en Beethovens oudste vriend. Hij kwam in 1801 naar Wenen, woonde in 1804 korte tijd met Beethoven samen en huwde in 1808 Julie Vering. Ondanks ruzies die uiteindelijk leidden tot jarenlange vervreemding die duurde tot 1825, stond hij toch aan Beethovens sterfbed en regelde hij (samen met Holz en Schindler) de begrafenis. Enkele maanden later stierf hij ook, net als Beethoven aan een leverkwaal.
Brunswick, Anna,
1752-1830
Hongaarse gravin, vanaf 1793 weduwe, moeder van Franz, Therese, Josephine en Charlotte. Ze was meestal op haar landgoed in Hongarije, maar soms bezocht ze haar in Wenen woonachtige dochters, Therese en Josephine, maar vanaf ongeveer 1819 was ze geheel vervreemd van allebei. In haar brieven komt ze over als een heel verstandige, maar uiterst dominante vrouw.
Brunswick, Charlotte,
1782-1843
Jongste dochter van Anna, zuster van Franz, Therese en Josephine. Vanaf najaar 1804 woonde ze in Wenen samen met Josephine, maar in 1805 huwde ze en verhuisde ze naar Duitsland, waarmee ze uit Beethovens leven verdween.
Brunswick, Franz,
1777-1849
Zoon van Anna, broer van Josephine, Therese en Charlotte, heel goed met Beethoven bevriend, hoewel voornamelijk schriftelijk, want hij was niet zo vaak in Wenen. Hij had de verantwoording over de Brunswickse onroerende goederen en die bevonden zich in Hongarije. Na Beethovens dood was diens duvelstoejager Schindler enige tijd Franz' gast. Het is niet onmogelijk dat tijdens deze logeerpartij conversatieboekjes en/of brieven van Beethoven sneuvelden.
Brunswick, Therese,
1775-1861
Oudste dochter van Anna, zuster van Josephine, Charlotte en Franz, steun en toeverlaat van Josephine, goed bevriend met Beethoven en door Thayer en Rolland naar voren geschoven als Beethovens onsterfelijke geliefde, wat zeker een vergissing is. Therese was enigszins mank als gevolg van scoliose, trouwde niet en stichtte op middelbare leeftijd de eerste kleuterschool in Boedapest, waar ze nog altijd zeer gewaardeerd wordt als een vrouw die veel goeds heeft verricht.
Bursy, Karl,
1791-1870
Arts, goede vriend van Amenda, bezocht de door hem zeer vereerde Beethoven in 1816 en overhandigde hem brieven van Amenda. Hij verblijdde het nageslacht met een verslag van zijn bezoek.
Cramolini, Ludwig,
1884
Duitse zanger, ontmoette Beethoven in 1818 en bezocht hem enkele dagen voor zijn dood. Hij berichtte daarover in zijn memoires en daaruit blijkt dat Beethoven toen niet meer in staat was zangstemmen te horen.
Czerny, Carl,
1791-1857
Pianist, componist, schrijver van een indrukwekkend aantal bij beginnende pianisten gevreesde etudes, goed bevriend met Beethoven. Hij was in 1816/18 de pianoleraar van neef Karl. Toch was hij geen familie van de hieronder vermelde Joseph. Hij publiceerde zijn memoires met veel zeer belangrijke informatie over Beethoven en diens muziek.
Czerny, Joseph,
1785-1831
Muziekpedagoog, geen familie van de beroemde Carl. Beethoven engageerde hem in 1820 als pianoleraar voor neef Karl, maar het engagement duurde niet lang.
Demscher, Ignaz,
*1776?
Weense ambtenaar en muziekliefhebber. Beethoven schreef voor hem, waarschijnlijk bij wijze van grapje naar aanleiding van een discussie over geld, de canon Es muss sein (WoO.196).
Deym von Stritetz, Joseph,
1752-1804
Eerste echtgenoot van Josephine Brunswick, fanatieke verzamelaar van speelklokken, wasmodellen en andere curiosa, eigenaar van een imposant pand in Wenen, dat voorzien was van diverse hypermoderne snufjes (gaslicht, waterleiding). Hij leidde een spannend bestaan. Jarenlang was hij in Wenen persona non grata als gevolg van een duelleerschandaal, maar hij leefde enige tijd in de stad onder pseudoniem (Müller). Hij reisde enthousiast door half Europa en beweerde ook Nederland te hebben bezocht, alwaar hij zich de kunst van het maken van wasmodellen eigen zou hebben gemaakt. Tot nu toe zijn daarvoor echter geen bewijzen gevonden.
Deym, Vicky (Victoire) en Fritz (Friedrich)
1800-1823 en 1801-1853
Oudste dochter en oudste zoon van Deym en Josephine Brunswick. Vicky was als enige aanwezig toen haar moeder, met wie ze een heel innige relatie had, in armoede en mentale verwarring stierf. Twee jaar later stierf ze zelf aan de mazelen. Fritz schreef als jongeman boeiende memoires over zijn jeugd, die van belang zijn voor de oplossing van het raadsel van Beethovens onsterfelijke geliefde. Hij lijkt echter als getuige niet helemaal betrouwbaar te zijn geweest.
Esterházy Rijke, machtige, Hongaarse familie van grootgrondbezitters (zie ook bij Liechtenstein). In Beethovens leven figureren vooral Haydns werkgever Nikolaus (1765-1833) en diens vrouw Marie Josepha Hermenegild, geboren Liechtenstein (1768-1845), terwijl voor hun zoon Paul Anton (1786-1866) een bijrolletje is weggelegd. Beethoven was tweemaal in zijn leven te gast bij Nikolaus. Paul Anton is belangrijk vanwege zijn kleine rol in het raadsel van Beethovens onsterfelijke geliefde. Sinds enkele jaren is ook Almerie (1789-1848), een lid van een andere tak van de familie, in het vizier van de jagers op de geliefde als gevolg van het feit dat ze in juli 1812 in Karlsbad in Bohemen was. Het lijkt er echter veel op dat ze Beethoven nooit heeft ontmoet, laat staan zijn geliefde was.
Fischer, Gottfried,
1780-1864
Zoon van een Bonner bakker, huisbaas van het gezin van Johann van Beethoven. De families woonden naast elkaar. Helaas zijn Gottfrieds in 1838 gepubliceerde en samen met zijn zuster Cäcilia geschreven memoires aan de familie Beethoven niet altijd even betrouwbaar gebleken. wat niet wegneemt dat ze ongemeen boeiend zijn.
Fröhlich, Johann Baptist,
*1768
Priester, hoofd van een school in Mödling bij Wenen, welke school een blauwe maandag in de zomer van 1818 door neef Karl werd bezocht. Fröhlich speelde als getuige een belangrijke rol in het proces van 1819/20 tussen Beethoven en zijn schoonzuster Johanna. Zijn getuigenis doet vermoeden dat hij geen onverstandig mens was, maar Beethoven verafschuwde hem.
Gallenberg, Wenzel Robert,
1783-1839
Balletcomponist van weinig allure, Beethovens succesvolle rivaal bij Giulietta Guicciardi. Ze trouwden eind 1803 en verhuisden naar Italië, maar keerden de jaren twintig terug naar Wenen. Het huwelijk was overigens erg slecht en Giulietta was Gallenberg geregeld ontrouw.
Gerhardi, Christine,
*1777?
Beethoven had rond 1797 mogelijk enige interesse in deze zangeres, maar ze kregen ruzie, wat Beethoven niet verhinderde artistiek met haar samen te blijven werken totdat ze ook op dat gebied ruzie kregen. Ze huwde in 1798 met een arts, Frank genaamd. In 1804 verliet ze Wenen. Bertolini, die enige jaren Beethovens huisarts was, noemde expliciet haar naam in verband met vrouwen die Beethovens amoureuze belangstelling zouden hebben gehad. Voor zover ik weet, zijn er geen afbeeldingen (meer) van haar.
Giannatasio del Rio, Gajetan,
1764-1828
Vader van Fanny (Franziska) en Nanny (Anna). Directeur van een goed bekend staande kostschool, waar neef Karl van begin 1816 tot begin 1818 school ging. Hij was niet erg op Karl gesteld en meende dat hij zou opgroeien voor galg en rad, waar hij gelukkig geen gelijk in kreeg. Maar ook op Beethoven had hij de nodige kritiek. Hij meende dat de componist geen briljante opvoeder was, waar hij helaas wel gelijk in had.
Giannatasio del Rio, Fanny,
1790-1873
Dochter van Gajetan, zuster van Nanny (1792-1868). Ze was in de jaren 1816/17 tevergeefs zeer verliefd op Beethoven en heeft uiterst belangrijke informatie over hem nagelaten, genoteerd in haar dagboek, dat later werd uitgegeven (o.a. door Nohl onder de naam Eine stille Liebe zu Beethoven). Na 1818 verwaterde het contact met Beethoven, hoewel hij haar nog wel bedacht heeft met een compositie.
Gleichenstein, Ignaz,
1778-1828
Baron, lid van een familie die in 1746 in de adelstand werd verheven, goede cellist, bevriend met de Brunswicks en Beethoven en gedurende enige tijd bij de Oostenrijkse overheid in dienst als diplomaat. Vanaf ongeveer 1807 was hij Beethovens 'secretaris' en in 1810 zijn intermediair bij zijn hofmakerij jegens Teresa Malfatti. Kort daarna volgde Oliva hem op als Beethovens secretaris, maar de vriendschap bleef gehandhaafd, zij het voornamelijk uit de verte, want Gleichenstein woonde na zijn huwelijk in 1811 in Freiburg in Duitsland.
Glöggl, Franz Xaver,
1764-1839
Domkapellmeister van Linz, ontmoette Beethoven aldaar toen deze in oktober 1812 zich met het concubinaat van zijn jongste broer begon te bemoeien. Later ontmoetten ze elkaar nog eens in Wenen. Zijn zoon Franz (1797-1872) schreef later aan biograaf Thayer alles wat hij wist of meende te weten over Beethoven.
Golz, Victoria,
1743-1822
Zuster van Deym, intieme vriendin van Josephine Brunswick, die haar oudste dochter naar Golz vernoemde. De gravin stierf kinderloos en liet haar hele bezit na aan Fritz, Josephines oudste zoon. De daartoe behorende papieren werden betrekkelijk kortgeleden teruggevonden op Golz' landgoed Nemischl. Er bleek menig interessant document tussen te zitten, waaronder vele brieven van de Brunswicks onderling. Het onderzoek van deze zogenaamde Nachlass Deym gaat nog steeds voort.
Gräffer, Anton,
1786-1852
Kennis van Beethoven, veel geraadpleegd door onderzoekers, want hij maakte na Beethovens dood een afschrift van wat tegenwoordig bekend staat als 'Beethovens dagboek' en aangezien het origineel spoorloos is verdwenen, wordt Gräffers kopie zorgvuldig gekoesterd.
Grillparzer, Franz,
1791-1872
Oostenrijkse dichter en toneelschrijver. Hij ontmoette Beethoven in 1808, verdween jaren uit zijn leven, maar verscheen later weer en schreef zelfs zijn grafrede, die hij niet zelf mocht uitspreken aan het graf, omdat hij als protestant persona non grata was op het katholieke kerkhof waar Beethoven werd begraven.
Guicciardi, Giulietta,
1784-1856
Nicht van de Brunswicks. In 1801/2 was Beethoven waarschijnlijk verliefd op het mooie meisje, maar ze trouwde eind 1803 met haar neef Robert Gallenberg. Ze verhuisden direct naar Italië en keerden in de jaren twintig terug naar Wenen, toen Gallenberg een belangrijke functie bij een Weens theater kreeg. Schindler schoof haar naar voren als Beethovens onsterfelijke geliefde, wat zeker een vergissing is. Ook over het miniatuur dat tussen zijn bezittingen werd aangetroffen en dat geacht wordt/werd Giulietta's gezicht te tonen, is tegenwoordig de nodige twijfel en mijns inziens terecht. 
Habsburg, Rudolph,
1788-1832
Broer van de keizer, aartshertog, aartsbisschop, Beethovens pianoleerling vanaf ongeveer 1808 en zijn trouwste mecenas. Samen met Kinsky en Lobkowitz betaalde hij Beethoven een jaargeld, dat bij contract was vastgelegd per 1 maart 1809. In tegenstelling tot de beide anderen heeft Rudolph zich tot Beethovens laatste ademtocht aan dit contract gehouden.
Hager zu Altensteig, Franz,
1750-1816
Vanaf 1808 het onsympathieke hoofd van de Weense geheime politie, voorganger van Sedlnitzky, die nog onsympathieker was en bekend stond als Metternichs Pudel. Het echtpaar Stackelberg onderhield gedurende korte tijd een min of meer vriendschappelijke relatie met Hager.
Hofbauer, Johann Caspar en Ludovica Johanna Reiss,
data onbekend, resp. 1820-1891
Johann Caspar Hofbauer was gedurende vele jaren de minnaar van Johanna Reiss, echtgenote/weduwe van Beethovens broer Carl, en de relatie schijnt nog tijdens haar huwelijk te zijn begonnen. Jaren na haar mans dood kreeg ze een dochtertje, dat Ludovica Johanna werd genoemd en door Hofbauer erkend werd als het zijne, ondanks het feit dat hij getrouwd was en dat ook bleef. Toch beweerde neef Karl dat een ander (Raicz) de vader van zijn halfzusje was en in ieder geval deed hij zulks in een conversatieboekje van zijn beroemde oom. De mare gaat dat Ludovica veel op haar moeder leek, vooral in haar 'lichtzinnige' levenswandel. Tot voor kort was er onzekerheid over haar intrigerende naam, die slechts bekend was uit een brief uit 1926 van een Weense ambtenaar aan onderzoeker Frimmel. Clive schrijft in zijn enkele jaren geleden verschenen Beethovenboek dat hij het doopregister heeft gezien en dat het kind inderdaad als Ludovica Johanna werd gedoopt.
Hofdemel, Franz,
1791
Jurist, wiens vrouw met Mozart een affaire zou hebben gehad. Sommigen denken dat hij Mozart hierom vermoord heeft. Hij pleegde zelfmoord op de dag van Mozarts begrafenis.
Höfel, Blasius,
1792-1863
Oostenrijkse kunsthistoricus, tekenaar en schilder. Hij kende Beethoven al enige tijd toen hij hem in 1814 zeer succesvol (als we de berichten hierover mogen geloven) portretteerde.
Holz, Karl,
1799-1858
Ambtenaar, violist, vanaf 1825 met Beethoven bevriend en gedurende ongeveer een jaar zijn vaste kroegmaat en duvelstoejager. Hij hielp Schindler en Breuning bij het regelen van de begrafenis en de erfenis. Als getuige is Holz meestal betrouwbaar, veel betrouwbaarder dan zijn aartsrivaal Schindler.
d'Honrath, Jeanette Pianoleerlinge en jeugdliefde van Beethoven, die hem een briefje deed toekomen dat doet vermoeden dat ze ook op hem verliefd was, maar mogelijk was het slechts plagerij. De tekst van het briefje was toen een bekend liedje.
Hotschevar, Jacob,
1780-1842
Weense ambtenaar, zwager van Johanna van Beethoven-Reiss en haar hulp in juridische zaken. Na Beethovens dood kreeg hij de voogdij over de volgens de toenmalige wetten nog minderjarige neef Karl.
Hüttenbrenner, Anselm,
1794-1868
Oostenrijkse componist, kennis van Beethoven, goede vriend van Schubert, die onder Schubert-deskundigen een naam te verliezen schijnt te hebben als allesbehalve betrouwbare getuige.
Janitschek (schikh), Franz,
*1776?
Douanebambte, vanaf ongeveer 1820 met Beethoven bevriend, eerst getrouwd met, later gescheiden van een blijkbaar wat al te promiscu uitgevallen echtgenote, aldus boze tongen in Wenen.
Kanka, Johann Nepomuk,
1772-1865
Advocaat, werkzaam in Praag, door Beethoven enkele malen met succes geraadpleegd, o.a. bij zijn strijd met de weduwe Kinsky toen deze zijn jaargeld niet door wilde betalen na de plotselinge dood van haar man.
Keglevics, Barbara,
1780-1813
Beethovens aantrekkelijke pianoleerlinge vanaf 1796. Hij had misschien enige interesse in haar, maar ze huwde in 1801 graaf Odescalchi. Beethovens vriend en leerling Czerny beweerde later dat zijn leraar op haar verliefd zou zijn geweest.
Kinsky, Ferdinand Johann Nepomuk,
1781-1812
Rijke edelman, ondertekende samen met Rudolph von Habsburg en Lobkowitz het contract van 1 maart 1809 dat Beethoven een comfortabel jaargeld toezegde. Begin november 1812 stierf Kinsky plotseling en in eerste instantie weigerde zijn weduwe Beethovens toelage door te betalen.
Kissow, Elisabeth,
1784-1868
Weense pianiste, leerlinge van de Streichers, ook bekend onder de naam van haar echtgenoot (Bernhard), ontmoette Beethoven toen ze ongeveer twaalf was en gaf haar leerzame herinneringen daaraan aan het nageslacht door. Beethoven vond haar zeer talentvol, maar zij gaf niets om zijn muziek.
Klöber, August Karl Friedrich,
1793-1864
Schilder, maakte in 1818 twee portretten van Beethoven, waarvan één samen met neef Karl. Dit laatste schilderij is zoekgeraakt. Ook maakte hij een fraaie tekening van Beethovens handen. Hij fabriceerde een kopie van zijn portret van Beethoven alleen en daarvan werd door iemand anders nog een kopie gemaakt. Ze werden allemaal zeer populair, zodat men tegenwoordig bijkans struikelt over de Klöber-portretten.
Koch, Babette,
1771-1807
Jeugdliefde van Beethoven, die na zijn verhuizing naar Wenen twee brieven van hem ontving, maar daar niet op antwoordde. Als getrouwde vrouw kwam ze in 1802 ook naar Wenen, maar kennelijk had Beethoven alle interesse in haar verloren.
Krenn, Michael Deze jongeman was in dienst van Beethovens broer Johann. In de herfst van 1826, toen Ludwig en Karl bij Johann logeerde, kon de complexe componist de eenvoudige boerenzoon wel waarderen. Krenns sobere getuigenis geeft een aardig beeld van de manier waarop Beethoven in zijn laatste levensmaanden in het leven stond.
Kübeck, Carl Friedrich,
1780-1855
Politicus, amateur-pianist, speelde in 1796 voor bij Beethoven, maar hij werd afgewezen als zijn leerling, omdat hij niet voldoende talent zou hebben gehad, wat echter geen belemmering was voor het duo om korte tijd samen te werken. Hij heeft de wereld een boeiend dagboek nagelaten waarin ook Beethoven figureert.
Lang, Regine,
1786-1827
Duitse zangeres, die eind 1811 Beethovens liederen opus 83 ten doop hield en misschien bij dezelfde gelegenheid ook het biografisch niet onbelangrijke lied An die Geliebte heeft gezongen. Als we Regine mogen geloven, was Beethoven heel erg van haar gecharmeerd.
Levin, Rahel,
1771-1833
Varnhagens superintelligente, voor de ontwikkeling van de Duitse cultuur zeer belangrijke verloofde. Ze had gedurende enkele jaren een drukbezochte salon in Berlijn. Beethoven ontmoette haar in 1811/12 in Bohemen en was erg op haar gesteld.
Lichnowsky, Carl,
1761-1814
Rijke edelman, ongelukkig getrouwd met de niet minder rijke en mooie Maria Christiane Thun (1765-1841). Het echtpaar ontstak in vuur en vlam voor Beethovens muziek, wat deze veel voordeel opleverde. Hoewel hun relatie in 1806 bekoelde ten gevolge van een hevig conflict, bleef Carl trouw aan zijn beschermeling. Na zijn dood in 1814 nam zijn jongere broer Moritz (1771-1837) zijn rol over.
Liechtenstein In dit boek komen de twee vrouwelijke leden van deze belangrijke, machtige familie ter sprake (zie ook bij Esterházy):
1. Marie Leopoldine (1788-1846), dochter van Nikolaus Esterházy en Marie Josepha Hermenegild (geboren Liechtenstein), zuster van Paul Anton, gehuwd met Moritz von Liechtenstein. Beethoven ontmoette haar in 1807, mogelijk eerder. Haar derde kind werd in december 1812 geboren en Leonore genoemd. Enkele jaren later eindigde haar huwelijk in een echtscheiding. Ze was in juli 1812 in Bohemen, in gezelschap van enkele familieleden, waaronder haar schoonmoeder, Josepha, geboren Fürstenberg (1776-1848), ooit leerlinge van Beethoven.
2. Maria Anna, geboren Khevenhüller in 1770, gehuwd met Carl von Liechtenstein, sinds 1795 weduwe, gestorven in 1849. Enige jaren geleden werd ze onder de aandacht gebracht van de jagers op de onsterfelijke geliefde, uiteraard op grond van het feit dat ze op de juiste tijd op de juiste plaats was (juli 1812 in Bohemen dus). Er zijn echter nog geen aanwijzingen gevonden ten gunste van deze vrouw.
Linke, Joseph,
1783-1837
Goede cellist, enige tijd in dienst bij Marie Erdödy, maar hij volgde haar niet toen ze Wenen verliet. Hij was enige tijd lid van het door Beethoven gewaardeerde Schuppanzigh-kwartet en ze bleven bevriend tot de dood, zij het wat oppervlakkig.
Lobkowitz, Joseph Franz Maximilian,
1772-1816
Rijke Boheemse edelman, gehuwd met Caroline Schwarzenberg (1775-1816). Hij speelde een belangrijke rol in Beethovens leven en samen met Kinsky en Rudolph von Habsburg betaalde hij hem een jaargeld dat per 1 maart 1809 bij contract was vastgelegd. Maar in 1811 ging hij failliet en dat was het begin van een ernstige verkoeling van de relatie met Beethoven.
Mähler, Willibrord Joseph,
1778-1860
Ambtenaar en schilder, maakte in 1804/5 in duplo een beroemd en fraai, maar uiterst geïdealiseerd portret van Beethoven en in 1815 een veel minder fraai en mijns inziens terecht veel minder beroemd tweede portret, waarvan later in Beethovens leven tenminste drie kopieën werden gemaakt (tot mijn grote verbazing).
Malchus, Karl August,
1770-1840
Kennis van Beethoven, schreef een uiterst sentimentele tekst in Beethovens vriendschapsalbum en liet daarna nooit meer wat van zich horen, wat misschien geen wonder is, want ze maakten in augustus 1792 kennis en Beethoven verliet Bonn voor altijd in november. In 1795 was Malchus in Wenen en misschien hebben ze elkaar toen ontmoet, maar daarover is niets bekend.
Malfatti, Giovanni,
1775-1859
Society-arts, lid van een familie die in 1785 in de adelstand werd verheven. Hij kwam in 1795 naar Wenen en was gelieerd aan de artsen Bertolini en Staudenheim. In de periode 1809/17 behandelde hij Beethoven bij tijd en wijle, maar de relatie lijkt soms nogal moeizaam te zijn verlopen. Desondanks stond hij aan Beethovens sterfbed (zie ook bij Staudenheim en Bertolini).
Malfatti, Teresa (Therese),
1792-1851
Beethoven leerde haar, lid van een familie die in 1785 in de adelstand werd verheven, in 1807 kennen en begon haar in het voorjaar van 1810 het hof te maken, waarbij zijn vriend/secretaris Gleichenstein als intermediair fungeerde. Heel misschien deed Beethoven Teresa een huwelijksaanzoek, maar ze had geen interesse en trouwde in 1816 met baron Drossdick.
Mälzel, Johann Nepomuk,
1772-1838
Gewoonlijk de uitvinder van de metronoom genoemd, maar hij had de uitvinding 'slechts' gepanteerd onder zijn eigen naam (en eigenlijk gewoon gestolen van de echte uitvinder, een Nederlander trouwens). Het legde hem geen windeieren, want hij werd heel rijk. Hij was enige jaren met Beethoven bevriend, hoewel de vriendschap wat overschaduwd werd door een ernstig conflict in 1813/14.
Metternich, Clemens Lothar Wenzel,
1773-1859
De beroemde en machtige Oostenrijkse kanselier van Duitse origine, die na Napoleons val zo zijn best deed de ouderwetse toestanden uit de 18e eeuw te herstellen, werd door Beethoven niet erg gewaardeerd en die gevoelens waren geheel wederzijds. Toch valt niet te ontkomen aan de conclusie dat de reactionaire, in veel opzichten gewetenloze politicus Metternich veel heeft bijgedragen aan het bestendigen van de Europese vrede na de Napoleontische tijd.
Milder, Anna,
1785-1838
Oostenrijkse sopraan, ook bekend onder de naam van haar echtgenoot (Hauptmann) door Beethoven zeer bewonderd en ook als mens gewaardeerd. Ze zong de rol van Leonore bij uitvoeringen van Fidelio en Beethoven stuurde haar tenminste één briefje dat doet vermoeden dat hij met haar op zeer goede voet stond. 
Moscheles, Ignaz,
1794-1870
Pianist, componist, leerling van Beethoven, gedurende vele jaren vaag met hem bevriend. Hij woonde enige tijd in Londen en ontving aldaar een brief die Beethoven hem in zijn laatste levensweken toestuurde. Deze brief bevatte de metronomiseringen voor de negende symfonie en die zijn nog altijd het voorwerp van opgewonden discussies onder de experts.
Müller, Wilhelm Christian,
1752-1831
Leraar, theaterdirecteur, publicist, ontmoette Beethoven in 1820 en schonk het nageslacht een verslag hiervan. Het is niet onaannemelijk dat ze ook enige tijd correspondeerden, maar geen van de brieven heeft het nageslacht bereikt, m.u.v. een enkel kattebelletje.
Naske, Caroline Barbara,
1808-1891
Echtgenote van Karl van Beethoven, dochter van een advocaat, moeder van vier dochters en een zoon. Ze was niet erg gesteld op haar schoonmoeder Johanna van Beethoven-Reiss, maar verder is er weinig over haar leven bekend, helaas.
Neate, Charles,
1784-1877
Engelse pianist, cellist en componist, ontmoette Beethoven in 1816, mede als afgevaardigde van de London Philharmonic Society, en schonk het nageslacht een boeiend verslag van zijn ontmoetingen met de componist.
Niemetz, Joseph,
*1808
Schoolgenoot van neef Karl, vanaf ongeveer 1819 zijn beste vriend, tot ongenoegen van Beethoven, die in een conversatieboekje de jongeman ruw en ordinair noemde. Over Niemetz wordt soms geroddeld dat hij niet te beroerd was om met de moeder van zijn beste vriend het bed te delen, maar er zijn geen bewijzen van.
Nussböck, Leopold Weense ambtenaar, werd in september 1819 medevoogd over neef Karl in de korte periode dat diens moeder Johanna de voogdij had. Beethovens juridische acties maakten aan deze situatie weer een einde.
Obermayer, Therese en Amalie Waldmann,
1787-1828, resp. 1807-1831
Therese was de dikke, maar kennelijk voor veel mannen toch aantrekkelijke echtgenote van Nikolaus Johann van Beethoven en moeder van Amalie Waldmann. Ze was een ongehuwde moeder toen ze met Johann trouwde en had op seksueel gebied een slechte reputatie, waarschijnlijk wel terecht. Het huwelijk was dan ook niet bepaald een succes. Haar beroemde zwager placht haar Fettlümmerl te noemen en Amalie werd door hem 'vereerd' met de naam Bastardl. Er bestaan helaas geen afbeeldingen (meer) van Therese. Een foto van Amalie toont een niet onaantrekkelijke donkerharige jonge vrouw. Om onduidelijke redenen kreeg ze de achternaam van haar grootmoeder van moeders zijde. Voor zover ik weet, is de biologische vader van Amalie nog altijd onbekend. In het verleden is wel eens gespeculeerd dat Johann wel degelijk haar vader moet zijn geweest, maar er is geen enkel serieus te nemen bewijs voor, terwijl het in dat geval onbegrijpelijk is waarom hij haar niet alsnog als zijn kind erkende na zijn huwelijk met Therese in november 1812.
Oliva, Franz,
1786-1848
Weense bankemployé, later ambtenaar, vanaf ongeveer 1810 Beethovens duvelstoejager. Hun relatie was niet altijd probleemloos en in 1811 hadden ze ronduit ruzie. In 1813 liet Beethoven zich opnieuw boos en laatdunkend over Oliva uit. Toch herstelde de relatie zich, maar in 1820 verhuisde Oliva naar Rusland.
Ossolinsky, Joseph Max,
1748-1826
Rijke, excentrieke en boeiende Poolse graaf in wiens slot in Baden Beethoven in de zomer van 1816 verbleef, maar die verder geen rol van betekenis in zijn leven lijkt te hebben gespeeld. Ossolinsky lijkt er tuk op te zijn geweest zoveel mogelijk beroemde mensen te ontmoeten en kennelijk hoorde Beethoven daarbij.
Pachler, Marie Leopoldine,
1794-1855
Goede pianiste, getrouwde vrouw, woonde in Graz, bezocht in 1817 Wenen en maakte daar kennis met Beethoven. Er resteert een brief van hem aan haar, waaruit zijn bewondering voor haar spel blijkt. In 1823 ontmoetten ze elkaar nog eens bij toeval toen ze allebei in Baden kuurden. In 1825 en 1826 stuurde ze hem geheel aan muziek gewijde brieven, maar er is niets bekend over antwoorden zijnerzijds.
Pasqualati, Johann Baptist,
1777-1830
Rijke Weense baron, in het bezit van mooi onroerend goed. Beethoven woonde lange tijd in één van diens woningen. Het is het enige adres dat min of meer als Beethovens vaste adres in Wenen zou kunnen worden gekenschetst.
Pestalozzi, Johann,
1746-1827
Zwitserse onderwijshervormer, voorloper van Maria Montessori. Hij had in Zwitserland een luxe kostschool voor de 'betere' standen en Josephine Brunswick had er in 1808 wel interesse in en bezocht de school, maar uiteindelijk was ze toch niet in staat haar geliefde zoons er achter te laten.
Peters, Carl,
1782-1849
Jurist, vriend van Beethoven, in 1820 tot medevoogd over neef Karl benoemd, maar er kwam weinig van terecht. Heel misschien offreerde hij Beethoven genereus zijn echtgenote (een bekende en goede zangeres) en 'regelde' hij meisjes voor hem, maar daarover bestaat geen enkele zekerheid.
Polledro, Giovanni Battista,
1781-1853
Italiaanse violist, in zijn tijd zeer beroemd en geliefd, werkte in 1812 in Karlsbad in Bohemen met Beethoven samen voor een liefdadigheidsconcert, maar van meer samenwerking is mij niets bekend.
von der Recke, Elizabeth Charlotte Constantia,
1754-1833
Dichteres, levensgezellin van de dichter Tiedge, woonde in Dresden. Ze was in 1811/12 in Bohemen en ontmoette Beethoven, die waardering had voor haar gedichten. Optimistisch schreef hij dat hij ze op muziek zou zetten, maar er kwam niets van terecht.
Reisser, Franz Michael,
1769-1835
Deze man, auteur, filosoof en directeur van het Polytechnisch Instituut waar neef Karl enige tijd studeerde, was vanaf voorjaar 1825 ook zijn medevoogd, nadat Carl Peters zich uit die rol had teruggetrokken. Helaas hield ook Reisser het niet lang vol met Beethoven als opvoeder samen te werken.
Rellstab, Heinrich Friedrich,
1799-1860
Dichter, schrijver, journalist, muziekcriticus, ontmoette Beethoven in 1825 en heeft menig woord over hem geschreven. Hij verzon de bijnaam voor de tweede sonate uit opus 27: Mondscheinsonate.
Ries, Ferdinand,
1784-1838
Componist, pianist, in 1803/5 Beethovens leerling, mogelijk al vanaf eind 1801. Hij woonde drie jaar in Koblenz en Parijs, keerde terug naar Wenen, maar een jaar later ging hij opnieuw naar Koblenz en vervolgens maakte hij een driejarige concertreis door Duitsland en Rusland. In 1813 vestigde hij zich in Londen, maar vanaf 1824 was hij opnieuw in Duitsland te vinden, alhoewel voortdurend op reis. Hij heeft veel met Beethoven gecorrespondeerd en later publiceerde hij zijn uiterst belangrijke herinneringen aan hem, samen met Wegeler. Hun beider notities aangaande Beethoven zijn meestal wel betrouwbaar.
Rochlitz, Johann Friedrich,
1769-1842
Uitgever, schrijver, criticus, redacteur van een belangrijk tijdschrift over muziek. Volgens eigen zeggen maakte hij in 1822 met Beethoven kennis en werd hij met hem bevriend, maar er wordt regelmatig aan zijn betrouwbaarheid getwijfeld.
Röckel, Joseph August,
1783-1870
Tenor, zong de rol van Florestan en was in 1813 bevriend met Beethoven, over wie hij waarderende en bewonderende woorden schreef. Hij had een zuster, Elisabeth, in wie, volgens sommigen, Beethoven enige interesse zou hebben gehad. De bewijzen zijn echter vrijwel nihil.
Rosenbaum, Joseph,
1770-1829
Excentrieke muziekminnaar, echtgenoot van de in die tijd beroemde zangeres Therese Gassmann. Hij heeft ons een leuk dagboek heeft nagelaten, waarin Beethoven geregeld optreedt, en hij werd 'beroemd' vanwege zijn roof van Haydns schedel uit zijn graf.
Russell, John,
1792-1878
Engelse politicus en schrijver, maakte rond 1821 een rondreis door Europa en bestudeerde in Wenen Beethoven van een afstandje.
Sailer, Johann Michael,
1751-1832
Priester, hoofd van een beroemde school te Landshut, goede vriend van Antonie Brentano, voor wie hij een geestelijk leidsman was. Beethoven had neef Karl wel bij hem op school willen doen, maar de rechter stond hem niet toe de jongen naar het buitenland te sturen.
Salieri, Antonio,
1750-1825
Italiaanse componist, in zijn tijd in Wenen een zeer invloedrijk personage en Mozarts belangrijkste concurrent. Hij stierf in complete geestelijke verwarring in een inrichting. Beethoven heeft enige tijd les van hem gehad.
Schaden, Joseph Wilhelm,
1752-1813
Toen Beethoven in 1787 naar Wenen reisde, stopte hij in München en aldaar maakte hij kennis met deze in Augsburg wonende, ook op reis zijnde advocaat. Op de terugreis was hij platzak en klopte hij bij Schaden aan voor een lening. Het duurde lang voor hij het respectabele bedrag kon teruggeven. Zijn excuusbrief is de eerste bewaard gebleven brief van zijn hand.
Schindler, Anton Felix,
1795-1864
Jurist, musicus, schrijver, Beethovens duvelstoejager vanaf 1822. In 1824 kregen de heren ruzie en pas halverwege 1825 verscheen hij weer in Beethovens leven. Hij was zowel zijn executeur-testamentair als zijn eerste serieus te nemen biograaf en wijdde zijn leven aan zijn idool. Tegenwoordig is hij terecht het mikpunt van hevige kritiek, omdat hij een deel van Beethovens conversatieboekjes vernietigde, terwijl hij de rest op grote schaal bedierf met vele vervalsingen. Gelukkig is tegenwoordig wel duidelijk geworden welke. Schindlers biografie is in veel opzichten uiterst onbetrouwbaar en bovendien slecht geschreven. Niettemin blijft hij als gevolg van de niet onbelangrijke rol die hij in Beethovens leven speelde, voor de onderzoeker nog altijd onontkoombaar.
Schlemmer, Mathias,
1783-1827
Weense ambtenaar, hospes van neef Karl, toen deze in 1825/26 aan het Polytechnisch Instituut studeerde.
Schlesinger, Moritz Adolph,
1798-1871
Duits-Joodse muziekuitgever, ontmoette Beethoven in 1816 en schreef erover. Ook zijn vader, Adolph Martin (1769-1838), speelde een kleine rol in Beethovens leven. Beethoven liet zich in brieven nogal antisemitisch over het tweetal uit, maar het lijkt erop dat hij het eigenlijk niet zo kwaad bedoelde. Van serieus antisemitisme valt hij niet te beschuldigen.
Schlosser, Johann Aloys,
*1790?
Deze man valt de eer te beurt als eerste een poging te hebben gewaagd tot het schrijven van een Beethoven-biografie, nog gepubliceerd in 1827, maar het boekje, hoewel leuk om te lezen, is te slecht om serieus te nemen. Het zit stikvol geroddel en Schlosser vergiste zich zelfs in Beethovens geboortejaar.
Schlösser, Ludwig,
1800-1886
Musicus, bezocht Beethoven in 1822, maar aan de betrouwbaarheid van zijn berichtgeving over die bezoeken wordt tegenwoordig door sommigen getwijfeld.
Schmerling, Joseph,
1777-1828
Weense rechter, hielp Beethoven bij het herkrijgen van de voogdij over neefje Karl. Zijn broer Leopold trouwde in 1819 met Anna Giannatasio del Rio.
Schneider, Eulogius,
1756-1794
Fransiscaner monnik, later in Bonn hoogleraar, politiek activist, stierf onder de guillotine, nadat hij eerst zelf menig slachtoffer had gemaakt. Toen hij in Bonn college gaf, was hij bijzonder populair bij de aanstormende jeugd. Beethoven behoorde tot de intekenaars op zijn bloemlezing met lofdichten op de bestorming van de Bastille.
Schnyder von Wartensee, Franz Xaver,
1786-1868
Onbelangrijke, tegenwoordig vergeten componist, bezocht Beethoven in 1811 en schreef er later over.
Schuppanzigh, Ignaz,
1776-1830
Violist, speelde zeer veel van Beethovens werk en was zeer lang in zijn buurt. Het door Beethoven zeer gewaardeerde strijkkwartet dat hij samenstelde, hield diverse (belangrijke) Beethovense composities ten doop.
Sebald, Amalie,
1787-1846
Zangeres uit Berlijn. Beethoven was tijdens zijn vakantie in 1811 in Bohemen min of meer op haar verliefd en in 1812 was zij min of meer op hem verliefd, maar in 1815 trouwde ze met Ludwig Krause, hofadvocaat te Berlijn, die jaren later in Beethovens leven figureerde toen hij een rol speelde bij de uitgave van de Missa Solemnis. In het verleden is Amalie wel eens naar voren geschoven als Beethovens onsterfelijke geliefde, maar hedendaagse onderzoekers geloven er niet meer in, mijns inziens terecht.
Seibert, Johann,
1782-1846
Chirurg die Beethoven op zijn sterfbed vier maal opereerde. Zonder succes overigens, maar dat was zijn schuld niet, want hij lijkt zijn vak goed te hebben verstaan. Beethoven was ten dode opgeschreven.
Seyfried, Ignaz Xaver,
1776-1841
Componist, één van Beethovens oudste vrienden in Wenen, publiceerde zijn uitvoerige memoires aan hem, maar hij is helaas niet altijd betrouwbaar gebleken. Dat neemt niet weg dat ze een boeiende bron van informatie vormen.
Smart, George Thomas,
1776-1867
Engelse uitgever en dirigent, ontmoette Beethoven in 1825 en offerde in zijn gezelschap uitgebreid aan Bacchus. Hij schreef er een amusant verslag over.
Sontag, Henriëtte en Karoline Unger
1806-1854, resp. 1803-1977
Deze mooie zangeressen kwamen Beethoven verleiden tot het in première brengen van de negende symfonie, waar hij zeer aarzelend over deed. De dames hadden succes en mochten de sopraan- en altpartijen voor hun rekening nemen.
Spohr, Ludwig,
1784-1859
Verdienstelijke componist en uitstekende dirigent, kennis van Beethoven, maar niet met hem bevriend. Ze wisselden enkele brieven. Als collega's hadden ze nog wel eens stevige kritiek op elkaar.
Stackelberg, Minona,
1813-1897
Zevende kind van Josephine Brunswick, geboren binnen haar huwelijk met Stackelberg. Mogelijk was ze Beethovens biologische dochter. Ze schijnt een eigenaardige persoonlijkheid te zijn geweest met een hevige passie voor paardrijden, volksmuziek en de vrijheidsstrijd van de Hongaren. Ze woonde vanaf 1841 bij haar tante Charlotte in Duitsland, vervolgens enige tijd in Tsjechië en tenslotte in Wenen bij haar tante Therese. Ze bleef ongehuwd en stierf kinderloos. Hoewel men soms afbeeldingen ziet waarover gezegd wordt dat het Minona betreft, is er -voor zover ik weet- nog altijd geen bewezen authentiek portret van haar opgedoken.
Starcke (of Starke), Friedrich,
1774-1835
Hoornist, zeer goede kennis van Beethoven, enige tijd neef Karls pianoleraar.
Staudenheim(er), Jacob,
1764-1830
Duits-Oostenrijkse arts, gelieerd aan de artsen Bertolini en Malfatti, behandelde Beethoven in 1812, verdween weer, behandelde hem opnieuw in de periode 1819/24, verdween opnieuw, maar was uiteindelijk ook bij zijn sterfbed present toen de behandelende artsen besloten alle nog in leven zijnde artsen te raadplegen die Beethoven ooit had gehad. Dit beraad greep plaats in januari 1827 en de conclusie was dat Beethoven reddeloos verloren was. Daarin hadden ze gelijk (zie ook bij Malfatti en Bertolini).
Steiner, Sigmund Anton,
1773-1838
Weense muziekuitgever, deed wel eens zaken met Beethoven, maar kreeg daar ook wel eens spijt van, zoals blijkt uit enkele van zijn brieven. Als zakenman was Beethoven lang niet altijd betrouwbaar.
Stieler, Kaspar Joseph,
1781-1858
Populaire portretschilder, maakte in 1820 op verzoek van de Brentano's een zeer geïdealiseerd portret van Beethoven. Misschien was hij ook de schilder van de portretten van Franz en Antonie en hun kinderen uit 1808, maar volgens de nieuwste inzichten zou Füger hiervoor moeten tekenen.
Streicher, Nannette (Maria Anna),
1769-1833
Zeer kundige en talentvolle dochter van een Duitse (Johann Andreas Stein) en echtgenote van een Weense (Johann Andreas Streicher) pianobouwer, trachtte vanaf ongeveer 1813 tot ongeveer 1818 tevergeefs de chaotische Beethoven huishoudelijke vaardigheden bij te brengen. In de loop der jaren schreef hij haar tenminste zo'n zestig brieven, voornamelijk over triviale zaken. Roddel maakte aan hun vriendschap een einde, hoewel ze wel met elkaar in contact bleven.
Stumpff, Johann Andreas,
1769-1846
Engelse harpfabrikant, bezocht Beethoven in 1824 en vertelde oerbiograaf Thayer later van alles over de zeer gezellige ontmoeting en dito maaltijd, die ruimschoots met alcohol was besproeid.
Stutterheim, Joseph,
1764-1831
Oostenrijkse officier, deed met succes zijn best om neef Karl na diens zelfmoordpoging in 1826 onder te brengen als officier in opleiding. Beethoven bedankte hem met de opdracht van strijkkwartet opus 131.
Swieten, Gottfried Bernhard van,
1733-1803
Nederlandse baron, in Wenen werkzaam als ambtenaar, muziekmecenas, ook van Beethoven, vooral in diens vroege jaren in Wenen.
Tiedge, Christoph August,
1752-1841
Dichter van het ooit beroemde gedicht Urania, door Beethoven dermate gewaardeerd dat hij de tekst van het voor Josephine Brunswick geschreven lied An die Hoffnung uit Urania lichtte. In 1811 maakte Beethoven met hem kennis en gedurende korte tijd correspondeerden ze.
Trautmannsdorf, Theresia,
1771-1847
Rijke Oostenrijkse gravin, sinds 1809 weduwe, verkocht haar landgoed Witschap in Moravië aan het echtpaar Josephine en Christoph Stackelberg, dat echter een klein bedrag hiervoor te kort bleek te komen, zodat ze het landgoed weer moesten verlaten. Het kwam tot een proces, want de gravin toonde geen medelijden en eiste alles op wat haar rechtens toekwam.
Tschoffen, Barbara,
1772-1847
In juni 2002 maakte onderzoeker Brauneis de jagers op de onsterfelijke geliefde attent op deze beeldschone vrouw, geboren Puthon, gehuwd in 1791, moeder van vier kinderen, vanaf 1802 weduwe. Ze was in 1812 op de juiste tijd op de juiste plaats om Beethovens liefdesbrief te kunnen ontvangen. Tot nu toe zijn er echter geen aanwijzingen gevonden die haar kandidatuur zouden kunnen ondersteunen.
Tuscher, Matthias,
1775?-1860
Deze jurist, geboren in 1775, was korte tijd voogd over neef Karl, maar kreeg er al na enkele maanden genoeg van en werd op zijn eigen verzoek van zijn taak ontheven. Zijn mening over Karl was niet bepaald positief en hij liet dat de rechtbank duidelijk weten, waarna het proces werd heropend.
Varena, Joseph,
1769-1843
Beethoven leerde deze man, musicus, jurist en Beethoven-enthousiast te Graz, in 1811 persoonlijk kennen en ze gingen enige tijd vriendschappelijk met elkaar om tijdens welke periode ze correspondeerden.
Varnhagen, Karl August,
1785-1858
Deze journalist, verloofd met Rahel Levin, was in 1811/12 in Bohemen en maakte kennis met Beethoven. De relatie is blijven steken in oppervlakkigheid, wat Varnhagen niet verhinderde later uitvoerig over Beethoven te schrijven. In 1814 ontmoetten ze elkaar nog eens toen Varnhagen in het kader van het Wener congres enige tijd in Wenen was.
Vering, Julie,
1791-1809
Dochter van de arts Vering, die Beethoven rond 1800 behandelde. Misschien rivaliseerde hij in 1808 met Breuning om Julie, maar hij zou, aldus de getuigenis van Fanny Giannatasio del Rio, ter wille van zijn vriend de strijd hebben opgegeven. Julie en Stephan huwden, maar een jaar later stierf ze, amper achttien jaar oud.
Wagner, Johann,
1800-1833
Veel te jonggestorven, zeer getalenteerde patholoog-anatoom, voerde de obductie op Beethovens lijk uit en beschreef zijn bevindingen in een goed en nauwkeurig, maar naar moderne begrippen toch veel te summier verslag, overigens naar de normen en regels van de tijd geheel in het Latijn.
Waldmüller, Ferdinand Georg,
1793-1865
Belangrijke schilder van de Romantiek, maakte in 1823 een beroemd en weinig flatteus portret van Beethoven. Hij kreeg nauwelijks de tijd de componist goed te bekijken en mogelijk is dat de achtergrond van het feit dat de maten van Beethovens schedel absoluut niet passen bij het schilderij. Toch is dit portret niet oninteressant.
Wawruch, Andreas Johann Ignaz,
1772-1842
Beethovens laatste, intelligente, behoorlijk kundige en uit Moravië afkomstige dokter. Hij produceerde een nauwkeurig verslag van 's mans lijden op zijn sterfbed.
Wegeler, Franz Gerhard,
1765-1848
Jeugdvriend van Beethoven, gynaecoloog en hoogleraar. Op de vlucht voor de Fransen kwam hij in 1794 naar Wenen, maar hij keerde in 1796 naar Bonn terug en hij trouwde in 1802 met Leonore Breuning. De vriendschap met Beethoven werd schriftelijk voortgezet en duurde voort tot diens dood. Hij publiceerde zijn uiterst belangrijke herinneringen aan hem, samen met Ries. Als getuige is Wegeler gewoonlijk heel betrouwbaar.
Weissenbach, Alois,
1766-1821
Dove Weense arts, maakte in 1814 met Beethoven kennis. Hij mag de oudste diagnose van 's mans doofheid op zijn naam schrijven en hij publiceerde die in 1816 in een boek, getiteld Meine Reise zum Congress. Beethoven had het in de kast staan.
Westerholt, Marie,
1774-1852
Pianoleerlinge en jeugdliefde van Beethoven. Volgens sommigen zou hij gedurende korte tijd tot over zijn oren op het mooie meisje verliefd zijn geweest. In ieder geval schreef hij muziek voor haar en haar familie.
Wieck, Johann Gottlieb Friedrich,
1785-1873
Duitse musicus, Schumanns schoonvader, bezocht Beethoven in diens laatste levensjaren en schreef hierover een boeiend verslag, waarin hij zijn verbazing uitsprak over Beethovens vermogen zeer veel wijn te verwerken zonder een spier te vertrekken.
Willisen, Karl Wilhelm,
1790-1879
Deze officier vergezelde Beethoven in 1812 naar Praag, omdat de dove componist hulp nodig had bij de reis. De hulp was tot stand gekomen via Oliva, handelend als Beethovens secretaris, en Varnhagen, die bevriend was met Oliva en Willisen.
Willmann, Johanna Magdalene,
1771-1801
Zangeres uit Bonn, met Beethoven bevriend. In 1793 verliet ze Bonn, maakte enkele reizen, verscheen in 1794 in Wenen en herstelde het contact. Misschien deed Beethoven haar in 1795 een huwelijksaanzoek, maar ze trouwde in 1796 met ene Galvani. Voor zover ik weet, zijn er geen afbeeldingen (meer) van haar.
Zmeskall, Nikolaus,
1759-1833
Adellijke cellist (de familie werd in 1783 in de adelstand verheven), vanaf Beethovens aankomst in Wenen innig met hem (en de Brunswicks) bevriend. Hij hielp hem zoveel als hij kon en bewaarde elk vodje papier dat hij van hem kreeg. Uitgesloten kan niet worden dat hij hem vergezelde bij zijn (spaarzame?) bezoeken aan prostituées. Rond 1820 begon Zmeskall te lijden aan een ernstige gewrichtsziekte, zodat hij niet meer kon lopen. Hij verdween vrijwel helemaal uit Beethovens leven.


Terug naar boven

 XIV Index
Handleiding bij het zoeken naar specifieke informatie
  • De vele in dit deel van mijn site figurerende vrouwen staan weliswaar gerangschikt op hun voornaam in het hieronder aan te treffen zakenregister, maar bij de achternamen van de gezochte dames staat een verwijzing naar hun voornamen, zodat ze te vinden zullen zijn. Ook enkele van Beethovens intieme mannelijke vrienden staan zowel op voornaam als op achternaam in de lijst, maar ook bij hen is er sprake van kruisverwijzingen. Behalve een zakenregister treft men hieronder een afbeeldingenlijst aan.
  • Op diverse plaatsen achter de hyperlinks staat in het zakenregister in groen wat extra informatie over de exacte plaats waarop men meer informatie over het gewenste item kan vinden.
  • Verwijzingen via een hyperlink in het zakenregister naar de opsomming van de historische feiten (hoofdstuk II) staat onder het kopje Chronologie.
  • Verwijzingen via een hyperlink in het zakenregister naar de uitwerking van de diverse hypotheses (het eerste, het tweede en het derde deel, bestaande uit de hoofdstukken III tot en met XI) staat onder het kopje Discussie.
  • Verwijzingen via een hyperlink naar het uiterlijk van de besproken persoon staat onder de kopjes Portret of Afbeelding. Alle afbeeldingen zijn weliswaar te vinden op relevante plaatsen in de hoofdstukken, maar in de portrettengalerijen staan ze allemaal bij elkaar en daar zijn ze te bereiken via Home.

Afbeeldingenlijst
Beethoven, op chronologische volgorde
In de portrettengalerij 'Gallery of genuine pictures' zijn de volgende afbeeldingen van hem te zien
- Omstreeks 1784, schilderij door een onbekende
- Omstreeks 1800, gravure door Neidl (naar Stainhauser)
- 1801, schilderij door Riedel (naar Stainhauser)
- In 1802, miniatuur door Hornemann
-
In 1804/5, schilderij door Mähler
-
In 1806, schilderijen door Neugass en Heckel
-
Omstreeks 1808, tekening door Schnorr von Garoldsfeld

- In 1812, borstbeeld en masker door Klein
-
In 1814, gravure door Höfel (naar Letronne)
-
In 1815, schilderij door Mähler
-
Omstreeks 1815, tekening door Hippius
- Omstreeks 1816, schilderij door Schimon
- In 1818, tekening door Klöber
- In 1819, tekening door Hochenecker

- In 1819/20, schilderij door Stieler
- In 1820-26, karikaturen door Böhm, Lyser, Weidner, Hoechle en Tejeck
- In 1823, tekening door Klosson
- In 1823, schilderij door Waldmüller
- In 1824, tekening door Decker
- In 1827, tekening door Danhauser van Beethovens gezicht op zijn sterfbed
- In 1827, tekening door Teltscher van Beethoven op zijn sterfbed

- Beethovens dodenmasker door Danhauser
 
Beethovens familie
Zie de portrettengalerij 'The Beethoven family' voor
- Grootvader Louis

- Veronderstelde, maar waarschijnlijk onechte portretten van de ouders
- Broer Johann Nikolaus
- Neef Karl als jongeman
- Neef Karl als man van middelbare leeftijd

Overige portretten van personen uit Beethovens leven, op alfabetische volgorde
Zie de portrettengalerijen 'The Breuning family' 'The Brunswick family' 'The Brentano family and the Erdödy family' 'Other persons (men)' 'Other persons (women)' voor
- Amenda, Karl, kortstondig Beethovens goede vriend
- Bigot, Marie, Beethovens flirt in 1807
- Brentano, Franz en Antonie, Beethovens goede vrienden
- Brentano, Bettina, Beethovens flirt van 1810
- Breuning, Gerhard, zoon van Stephan, auteur van memoires over Beethoven

- Breuning, Stephan, Beethovens oudste (jeugd)vriend
- Brunswick, Franz, Therese en Charlotte, Beethovens goede vrienden
- Brunswick, Josephine, Beethovens beminde in 1805/6
- Czerny, Carl, Beethovens belangrijkste leerling
- Deym, Joseph, echtgenoot van Josephine Brunswick, kortstondig bevriend met Beethoven
- Erdödy, Marie, Beethovens leerlinge en goede vriendin
- Erdödy, Peter, kennis van Beethoven, Maries (ex)echtgenoot
- Ertmann, Dorothea, Beethovens leerlinge en goede vriendin
- Gleichenstein, Ignaz, Beethovens goede vriend
- Guicciardi, Giulietta, Beethovens leerlinge en beminde in 1800/1
- Habsburg, Rudolph, Beethovens belangrijkste mecenas en leerling
- Keglevics, Barbara, Beethovens leerlinge

- Kinsky, Ferdinand, Beethovens mecenas
- Holz, Karl, Beethovens secretaris en vriend van zijn laatste jaren
- Levin, Rahel, kortstondig bevriend met Beethoven

- Lichnowsky, Carl en Christiane, Beethovens mecenassen
- Liechtenstein, Josepha, Beethovens leerlinge en mecenas
- Lobkowitz, Joseph en Caroline, Beethovens mecenassen
- Malfatti, Therese, Beethovens 'huwelijksproject' in 1810

- Neefe, Christian Gottlied, Beethovens leraar in Bonn
- Pachler, Marie, kortstondig met Beethoven bevriend
- Ries, Ferdinand, Beethovens leerling, vriend en auteur van memoires over Beethoven

-
Schindler, Anton, Beethovens vriend, secretaris en oerbiograaf
- Sebald, Amalie, Beethovens flirt in 1811/12
- Sontag, Henriette, Beethovens sopraan bij de première van de negende symfonie
- Unger, Caroline, Beethovens alt bij de première van de negende symfonie

- Wawruch, Andreas, Beethovens laatste arts
- Wegeler, Franz, Beethovens (jeugd)vriend en auteur van memoires over Beethoven
- Weissenbach, Aloys, kortstondig Beethovens arts en vluchtige vriend
- Westerholt, Marie, Beethovens beminde toen hij nog in Bonn woonde
- Zmeskall, Nikolaus, jarenlang Beethovens goede vriend

Overige afbeeldingen, op alfabetische volgorde
Zie de portrettengalerij 'Gallery of other pictures' voor
- Aantekening van Beethoven in een conversatieboekje
- Adres in Beethovens handschrift op een brief aan Josephine Brunswick
- Autograaf van de Appassionata
- Autograaf van de Missa Solemnis
- Beethovens bureau
- Beethovens gehoorapparaten
- Beethovens handen, getekend in 1818 door Klöber en in 1827 door Danhauser
- Beethovens testament
- Foto van Beethovens schedel, gemaakt in 1863
- Gipsmodel van Beethovens schedel, gemaakt in 1863
- Houten doos, gevonden in Beethovens bureau, waarin belangrijke papieren zaten
- Ingang van Beethovens sterfhuis
- Miniatuur van een jonge vrouw, na zijn dood gevonden tussen Beethovens bezittingen
- Nieuwjaarswens aan Charlotte Brunswick
- Slot van de brief aan de Unsterbliche Geliebte
- Thayer, Alexander Wheelock, Beethovens belangrijkste biograaf
- Titelblad van de eerste uitgave van Beethovens opus 1

Beethovens (mogelijke) vrouwelijke kennissen, op alfabetische volgorde van gewoonlijk gebruikte voornaam, te vinden in de volgende hoofdstukken
Amalie Sebald V.2.2
Antonie Brentano-Birkenstock
IV en V.1.2 (in 1798, respectievelijk 1808)
Babette Koch?
V.2.2
Barbara Keglevics
V.2.2
Bettina Brentano V.2.2
Caroline Lobkowitz
VI.4
Charlotte Brunswick
V.1.2
Charlotte Brunswick?
V.2.2
Christiane Lichnowsky, als jonge vrouw en als dame van middelbare leeftijd VI.4
Dorothea Ertmann-Graumann IV
Giulietta Guicciardi?
V.1.2
Henriette Sontag
V.2.2
Hermenegild Esterházy
VI.4
Josepha Liechtenstein
VI.4
Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick
IV
Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick, samen met haar zuster?
V.2.2
Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick?
V.2.2 (in 1804, respectievelijk 1814)
Julie Vering
V.2.2
Karoline Unger
V.2.2
Leopoldine Liechtenstein-Esterházy VI.4
Marie Bigot
V.1.3
Marie Erdödy-Niczky
IV
Marie Pachler
V.2.2
Marie Westerholt
V.2.2
Rahel Levin
VI.4
Teresa Malfatti
V.2.2
Therese Brunswick als jonge vrouw?
V.1.2
Therese Brunswick als oude vrouw
VI.1

Idem, op alfabetische volgorde van achternaam (meisjesnaam of naam van de echtgenoot)
Bigot, Marie
V.1.3
Brentano-Birkenstock, Antonie
IV en V.1.2
Brentano, Bettina
V.2.2
Brunswick, Charlotte
V.1.2 en V.2.2
Brunswick, Therese
V.1.2
? en VI.1

Deym-Stackelberg-Brunswick, Josephine IV; V.2.2? en V.2.2?

Erdödy-Niczky, Marie IV
Ertmann-Graumann, Dorothea IV
Esterházy, Maria Josepha Hermenegild VI.4
Guicciardi, Giulietta V.1.2?
Keglevics, Barbara V.2.2
Koch, Babette V.2.2?
Levin, Rahel VI.4
Lichnowsky, Marie Christiane VI.4
Liechtenstein, Josepha Sophie VI.4
Liechtenstein-Esterházy, Marie Leopoldine VI.4
Liechtenstein-Khevenhüller, Maria Anna IV
Lobkowitz, Caroline VI.4
Malfatti, Teresa V.2.2
Pachler, Marie V.2.2
Sebald, Amalie V.2.2
Sontag, Henriette Walpurgis V.2.2
Tschoffen-Puthon, Barbara IV
Unger, Karoline V.2.2
Vering, Julie V.2.2
Westerholt, Marie V.2.2


Zakenregister
Almerie Murray, geboren Esterházy, Beethovens onsterfelijke geliefde?
Nieuwe hypothese IV

Amalie Sebald, Beethovens flirt van 1811/12
Chronologie
Beethovens eerste briefje II.1 bij 1811
Briefwisseling met Beethoven in september 1812 in Teplitz II.2
Discussie
Briefwisseling met Beethoven XI.5
Fanny Giannatasio del Rio’s dagboekaantekening V.3.1
Fanny's dagboek in relatie tot de A-initiaal in Beethovens dagboek V.3.1 en VI.1/2
In verband met het geheimzinnige miniatuur uit Beethovens nalatenschap V.2.2
In verband met Beethovens veronderstelde syfilis XI.3
Rol in Beethovens leven-beknopt, resp. uitgebreid III en XI.5
Portret
in de
portrettengalerij bij Other persons (women)

Amenda, zie
Karl

Anna Hauptmann, geboren Milder, zangeres
Beethovens briefje aan haar V.2.2
Rol in Beethovens leven III

Antonie Brentano, geboren Birkenstock, goede vriendin van Beethoven
Chronologie
Algemeen II.1 bij 1798 e.v.
Agemeen in 1812 II.2
Algemeen - vervolg II.3/4 bij 1813 e.v.
Briefwisseling met Beethoven II.3/4 bij 1815 e.v.
Huwelijk met Franz Brentano II.1 bij 1798 e.v. en II.3/4 bij 1813 e.v.
Discussie
Beknopte biografie IV
Briefwisseling met Beethoven VI.1
De A-initiaal in Beethovens dagboek V.1.3, 3.1/3, 4.1/3, VI.1/2
De M-initiaal in Beethovens aantekeningen bij V.1.3, VI.1/2
De T-initialen in Beethovens dagboek V.1.3, 3.1/3, 4.1/3, VI.1/2
Vaderschapsvragen VI.3
Fanny Giannatasio del Rio’s dagboekaantekening V.3.1
Huwelijk met Franz Brentano
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid V.3.3, 4.3 en VI.4
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.1.2, 2.2, 3.3, 4.3, 5 en VI.2
Levensomstandigheden in Frankfurt en Wenen
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid V.3.3, 4.3 en VI.1
Levensomstandigheden in later jaren VI.4
Lunds hypothese (Antonie als de Unsterbliche Geliebte en de vrouw van het miniatuur, Beethoven als de vader van Antonies zoon Karl Joseph) VI.3 en VI.3 bij Oliva's opmerking
Een hypothese voor Antonies relatie met Beethoven V.5
Solomons hypothese (Antonie als de Unsterbliche Geliebte en de vrouw van het miniatuur) V.1.1, 2.1/2, 3.1/3, 4.1/3, VI.1/2
Portretten
van Antonie en Franz in de
portrettengalerij bij The Brentano family

Babette Koch, jeugdvriendin van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III
Portret
, zeer waarschijnlijk onecht, in V.2.2

Barbara Keglevics, pianoleerlinge van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III
Portret
in de
portrettengalerij bij Other persons (women)

Barbara Tschoffen, geboren Puthon, Beethovens onsterfelijke geliefde?
Nieuwe hypothese IV

Beethoven (familie), zie
Broer Caspar Anton Carl
Broer Nikolaus Johann
Geschiedenis
Johanna van Beethoven, geboren Reiss (schoonzuster)
Louis van Beethoven (grootvader)
Neef Karl
Ouders (Johann en Maria Magdalena)
Therese van Beethoven, geboren Obermayer (schoonzuster)

Beethovens belevenissen in detail in het jaar
1792/1798; 1799; 1800; 1801; 1802; 1803; 1804; 1805; 1806; 1807; 1808; 1809; 1810; 1811; 1812; 1813; 1814; 1815; 1816; 1817; 1818; 1819; 1820; 1821; 1822; 1823; 1824; 1825; 1826; 1827

Beethovens reis naar Bohemen in 1812, zie
Reis naar Bohemen

Beethovens relatie met diverse mannelijke kennissen, relevant op deze site, zie
Amenda
Bernard
Bertolini
Brentano, Franz, zie bij Antonie Brentano-Birkenstock
Breuning, zie Lorenz Breuning
Breuning, zie Stephan en Gerhard Breuning
Brunswick, Franz, zie bij Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick
Deym, Joseph, zie bij Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick
Erdödy, Peter, zie bij Marie Erdödy
Ertmann, Stephan, zie bij Dorothea Ertmann
Goethe
Holz
Malfatti, zie Giovanni Malfatti
Oliva
Peters
Schindler
Staudenheim
Varnhagen von Ense
Weissenbach
Zmeskall

Beethovens relatie met diverse vrouwelijke kennissen, relevant op deze site, zie
Amalie Sebald
Anna Hauptmann, geboren Milder
Antonie Brentano, geboren Birkenstock
Babette Koch
Barbara Keglevics
Bettina Brentano
Charlotte Brunswick
Christine Gerhardi
Dorothea Ertmann, geboren Graumann
Elisabeth von der Recke
Fanny Giannatasio del Rio
Giulietta Guicciardi
Henriette Sontag
Jeanette d'Honrath
Jeugdvriendinnen en hun rol in Beethovens leven
Josephine Deym-Stackelberg, geboren Brunswick
Julie Vering
Karoline Unger
Leonore Breuning
Magdalene Willmann
Marie Bigot
Marie Erdödy, geboren Niczky
Marie Pachler
Marie Westerholt
Nanette Streicher
Rahel Levin
Teresa Malfatti
Therese Brunswick

Beethovens relatie met zijn broers (beknopt overzicht)
In Bonn VII.1
In Wenen VII.1

Beethovens relatie met zijn broers (uitwerking), zie
Broer Caspar Anton Carl
Broer Nikolaus Johann

Beethovens relatie met zijn neef Karl, zie
Neef Karl

Beethovens relatie met zijn ouders en grootvader VII.1

Beethovens relatie met zijn schoonzusters, zie
Johanna Reiss
Therese Obermayer

Bernard, Carl Joseph, rond 1819 beethovens vriend en schoolhoofd van neef Karl
Rol als hulp bij de opvoeding van neef Karl II.3/4 bij 1819

Bertolini, Joseph, Beethovens huisarts omstreeks 1814
Rol in Beethovens leven en zijn mededelingen hierover aan Thayer X.I

Bettina Brentano, schoonzuster van Antonie, Beethovens flirt van 1810
Chronologie
Bezoek aan en briefwisseling met Beethoven II.1 bij 1810
In juli/augustus 1812 in Teplitz II.2
Discussie
Briefvervalsingen XI.5
Fanny Giannatasio del Rio’s dagboekaantekening V.3.1
Fanny's dagboek in relatie tot de A-initiaal in Beethovens dagboek V.3.1
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Hernieuwde hypothese voor Bettina als Beethovens onsterfelijke geliefde V.1.1
Rol in Beethovens leven - algemeen III en XI.5
Portret
in de
portrettengalerij bij The Brentano family

Bigot, zie
Marie

Brentano, zie
Antonie
Bettina
Franz, zie bij Antonie
Karl Joseph

Breuning, zie
Leonore
Lorenz
Stephan en Gerhard (vader en zoon)

Brief aan de Unsterbliche Geliebte (volledige tekst) III en afbeelding van het slot in de portrettengalerij bij Other pictures

Briefwisselingen, (dagboek)aantekeningen en (latere) getuigenissen van/over
Chronologie II.1 t/m 4 voor de belevenissen van
De familie
Brentano - 1799 t/m 1823
De familie Brunswick - 1799 t/m 1821
De familie Erdödy - 1799 t/m 1820
De familie Ertmann - 1799 t/m 1826
Discussie
De Brentano's-algemeen IV, V.3.3, 4.3 en VI.1/2
De Brentano's-in verband met vaderschapvragen VI.3
De Brunswicks-algemeen IV, V.3.2, 4.2 en VI.1/2
De Brunswicks-in verband met vaderschapsvragen VI.3
De Erdödy's-algemeen IV, V.3.3 en 4.3
De Erdödy's-in verband met Beethovens veronderstelde syfilis XI.3
De Ertmanns-algemeen IV, V.3.3 en 4.3
De Ertmanns-in verband met Beethovens veronderstelde syfilis XI.3


Briefwisseling Beethoven met
Chronologie
Dorothea Ertmann-Graumann II.3 bij 1817
Franz, Antonie en Maximiliane Brentano II.3/4 bij 1815/1823
Franz en Therese Brunswick II.1 bij 1809/11
Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick II.1 bij 1804/9
Marie Erdödy-Niczky II.1/2 bij 1808/12 en II.3/4 bij 1815/20
Discussie

Dorothea Ertmann-Graumann
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid V.3.3 en 4.3
Familie Brentano
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid V.3.3, 4.3, VI.1 t/m 3
- In verband met vaderschapsvragen VI.3
Franz en Therese Brunswick
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid VI.1/2
- In verband met vaderschapsvragen VI.3
Josephine Deym-Stackelberg-Brunswick
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid V.3.1/2 en 4.1/2
-
Oorspronkelijke visie op haar relatie met Beethoven V.1.1
- Herziene visie(s) V.1.1
Marie Erdödy-Niczky
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid V.3.3 en 4.3
Afbeeldingen van briefpassages van Beethoven aan Josephine en Charlotte Brunswick in de portrettengalerij bij Other pictures

Broer Caspar Anton Carl
Chronologie
Algemeen II.1 t/m 4
Huwelijk met Johanna Reiss II.1 bij 1806
Tekst van Carls testament II.3 bij 1815
Discussie
Huwelijk VII.2 en VIII.1
Relatie met broer Ludwig VII.1

Broer Nikolaus Johann
Chronologie
Algemeen II.1 t/m 4
Huwelijk met Therese Obermayer in oktober 1812 in Linz II.2
Discussie
Huwelijk VII.1
Relatie met broer Ludwig VII.1
Rol als erfgenaam van Ludwig III
Rol bij de identificatie van de miniaturen, in Ludwigs nalatenschap gevonden V.2.2
Portret
in de
portrettengalerij bij The Beethoven family

Brunswick, zie
Charlotte
Franz
Josephine
Therese

Buitenechtelijke kinderen van Beethoven?
Discussie
Karl Joseph Brentano (geboren in maart 1813) VI.3
Minona Stackelberg (geboren in april 1813) VI.3
Karl van Beethoven (geboren in september 1806) VIII.4

Carl Peters, vriend van Beethoven, enige tijd Neef Karls voogd
Chronologie
Beethovens hulp bij de opvoeding van zijn neef II.4 bij
1819
Discussie
De betekenis van Peters' echtgenote en andere promiscue gehuwde dames XI.5

Caroline Lobkowitz, echtgenote van Joseph, Beethovens mecenas
Mogelijke rol in Beethovens leven in VI.4
Portret in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Caspar Anton Carl van Beethoven, zie
Broers

Charlotte Brunswick, zuster van Josephine, Therese en Franz, kennis van Beethoven
Chronologie II.1 bij 1805/6
Discussie
Charlottes portret in relatie tot het veronderstelde miniatuur van Giulietta
- Hypothese van Tellenbach V.1.2
- Hypothese van Brosche-Graeser VI.1
Portretten in de
portrettengalerij bij The Brunswick family

Christiane Lichnowsky (Marie Christiane), echtgenote van Carl, Beethovens mecenas
Rol in Beethovens leven VI.4
Portretten in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Christine Gerhardi, zangeres, kennis van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III

Dagboeken en andere aantekeningen van
Chronologie
Beethoven II.1 t/m 3 bij 1807 e.v.
Fanny Giannatasio del Rio II.3 bij 1816
Zusters Brunswick II.1 t/m 4 bij 1799 e.v.
Discussie
Beethoven V.1.3, 3.1, 4.1, 5 en VI.1
Fanny Giannatasio del Rio V.3.1 en VI.2
Zusters Brunswick IV, V.3.2, 4.2, 5 en VI.1

Deym, Joseph, zie
Josephine Deym-Stackelberg, geboren Brunswick

Doodsoorzaak
Chronologie
Anamnese IX.1
Beethovens laatste ziekbed en dood IX.1
Discussie

De vele pogingen tot verklaring van Beethovens levercirrose X.1
Hypotheses over een onnatuurlijke dood (De Roos en Altman) X.2
Inventarisatie en beoordeling van de vele hypotheses XI.1
Poging tot het trekken van conclusies XI.4
Recent onderzoek in Amerika en Wenen van Beethovens haar (DNA, zware metalen, opiaten) X.1
Zie ook: Ziektegeschiedenis

Doofheid
Chronologie
Anamnese IX.1
Discussie

Beethovens eigen visie over de oorzaak en die van zijn tijdgenoten IX.1
De vele pogingen tot diagnosticering X.1 en XI.2
Heiligenstädter Testament (tekst en biografische betekenis) IX.2
Poging tot het trekken van conclusies XI.4
Zie ook: Ziektegeschiedenis

Dorothea Ertmann, geboren Graumann, pianoleerlinge en goede vriendin van Beethoven
Chronologie
Algemeen II.1 bij 1802 e.v.
Algemeen in 1812 II.2
Algemeen - vervolg II.3/4 bij 1813 e.v.
Brief van Beethoven II.3 bij 1817
Discussie

Beknopte biografie IV
Brief van Beethoven V.3.3 en 4.3
Huwelijk met Stephan Ertmann
- Beknopt IV
Huwelijk en levensomstandigheden
- Algemeen uitgebreid V.3.3 en 4.3
Mareks hypothese (Dorothea als de Unsterbliche Geliebte) V.1.1, 2.1, 3.3 en 4.3
Vaderschapsvragen VI.3 bij Oliva's opmerking
Portret in de
portrettengalerij bij Other persons (women)

Elisabeth von der Recke, kennis van Beethoven
Chronologie in 1811 II.1
Rol in Beethovens leven V.3.1

Erdödy, zie
Marie (Anna Maria)
Peter, zie bij Marie

Esterházy, zie
Almerie
Hermenegild

Ertmann, zie
Dorothea
Stephan, zie bij Dorothea

Familierelaties van Beethoven met zijn broers en schoonzusters
Chronologie
Vanaf 1794 (verhuizing van de broers naar Wenen) II.1 t/m 4
Vanaf 1806 (huwelijk Carl en Johanna) II.1 t/m 4
Vanaf 1812 (huwelijk Johann en Therese) II.2
Discussie

Beknopt overzicht VII.1
Beethovens relatie met zijn schoonzusters VII.2 t/m 4
Geschiedenis van het biografisch onderzoek (Schindlers mening; revisie door de Sterba's) VII.2
Hypothese van De Roos (Johanna als Beethovens geliefde) VIII.1
Hypothese van Rose (Johanna als de Unsterbliche Geliebte) VIII.4
Meningsverschillen tussen de biografen VII.3
Poging tot conclusies over de voogdijkwestie VIII.3
Speculaties over de voogdijkwestie VIII.2

Familierelaties van Beethoven met zijn ouders en grootvader VII.1

Fanny Giannatasio del Rio, kennis van Beethoven
Chronologie II.3 bij 1816/18
Discussie
Betekenis van haar dagboekaantekeningen V.3.1 en VI.2
Rol in Beethovens leven III

Franz Brunswick, broer van Josephine, Therese en Charlotte, goede vriend van Beethoven
Chronologie
Algemeen II.1 bij 1799/1811
In het cruciale jaar 1812 II.2
Algemeen - vervolg II.3/4 bij
1813 e.v.
Discussie
Rol bij de identificatie van de miniaturen, gevonden in Beethovens nalatenschap V.1.2
Rol bij de correspondentie over het Neugass-portret VI.1
Verdwenen brieven van Beethoven VI.1
Portret
in de portrettengalerij bij The Brunswick family

Gerhardi, zie
Christine

Geschiedenis van de familie Beethoven
Tot Beethovens dood VII.1
Beethovens erven
VII.1

Giannatasio del Rio, zie
Fanny

Giovanni Malfatti, enige tijd Beethovens huisarts, familie van Teresa Malfatti
Chronologie II.3 bij 1816/17en II.4 bij 1827
Discussie
Malfatti moordenaar? (hypotheses van De Roos en Altman) X.2
Rol in Beethovens leven IX.1 (in 1816/17) en IX.1 (in 1827)

Giulietta Guicciardi, door Beethoven bemind?
Chronologie II.1 bij 1801/3
Discussie
Beethovens gesprek met Schindler in een conversatieboekje II.1.4 bij 1823
Gerhard Breunings poging tot identificatie van een miniatuur in Beethovens bezit V.1.2
Rol in Beethovens leven III
Schindlers visie V.1.1 en V.1.2
Twijfel aan Gerhard Breunings identificatie van het miniatuur
- Hypotheses van Tellenbach V.1.2
- Hypothese van Brosche-Graeser VI.1
Portretten
, mogelijk onecht, in de
portrettengalerij bij Other persons (women)

Goethe, ontmoetingen met Beethoven in 1812 in Bohemen
Chronologie II.2
Discussie
Betekenis van zijn rol in Beethovens persoonlijke leven V.4.1 en 5

Grootvader, zie
Louis van Beethoven

Guicciardi, zie
Giulietta

Hauptmann-Milder, zie
Anna

Heiligenstädter Testament (tekst en betekenis) IX.2

Henriëtte Sontag, zangeres, kennis van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven
III
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Hermenegild Esterházy (Marie Josepha), echtgenote van Nikolaus
Portret + korte bespreking in VI.4

Holz, zie
Karl

d'Honrath, zie
Jeanette

Initialen in Beethovens aantekeningen
Chronologie
Vóór het cruciale jaar 1812 II.1 bij 1807
In 1812 II.2
Na het cruciale jaar 1812 II.3 bij 1816
Discussie
De betekenis van de initialen V.1.3
Poging mijnerzijds tot ontrafeling van het raadsel van de initialen VI.1/3
Thayers visie V.1.3 (bij zowel de A-initiaal, de M-initiaal als de T-initialen) en VI.1

Jeanette d'Honrath, jeugdvriendin van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III

Johann van Beethoven, vader, zie
Ouders

Johanna van Beethoven, geboren Reiss, Beethovens schoonzuster vanaf mei 1806 en Karl van Beethovens moeder
Chronologie
Huwelijk met Carl en het verloop daarvan II.1 t/m 3 bij 1806 e.v.
Relatie met Ludwig II.3/4 bij
1813 e.v.
Discussie
Ludwigs mening over haar (beknopt) VII.1
Huwelijk met broer Carl VII.1 en VIII.1/4
Hypothese van De Roos (Johanna als Ludwigs geliefde, Karl als zijn zoon) VII.2/3 en VIII.1/3
Hypothese van Rose (Johanna als de Unsterbliche Geliebte, Karl als Ludwigs zoon) VIII.4
Hypothese van Solomon (Ludwig tevergeefs verliefd op Johanna) VII.2/3 en VIII.1/3
Hypothese van de Sterba's (psychopathologie) VII.2/3 en VIII.1/3
Voogdijkwestie (biografisch onderzoek) VII.2/3
Voogdijkwestie (hypotheses en conclusies) VIII.1/3

Josepha Liechtenstein, pianoleerlinge van Beethoven
Rol in Beethovens leven VI.4
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Josephine Deym-Stackelberg, geboren Brunswick, zuster van Franz, Charlotte en Therese, Beethovens beminde in de periode 1804/9
Chronologie
Algemeen II.1 bij 1799 e.v.
Algemeen in 1812 II.2
Algemeen - vervolg II.3/4 bij 1813 e.v.
Briefwisseling met Beethoven II.1 bij 1804/9
Huwelijk met Joseph Deym II.1 bij 1799
Huwelijk met Christoph Stackelberg II.1 bij 1810
Minona's geboorte II.3 bij 1813
Tijdelijke breuk in voorjaar/zomer 1812 tussen Josephine en Stackelberg II.2
Stackelbergs definitieve vertrek II.3/4 bij 1814/15
Discussie

Beknopte biografie IV
Briefwisseling met Beethoven
- Eerste fase van het onderzoek V.1.1
- Tweede fase van het onderzoek V.1.1
Familierelaties
- Beknopt IV
- Algemeen uitgebreid (broer Franz, zusters Therese en Charlotte, moeder Anna) V.3.2, 4.2 en VI.1
Fanny Giannatasio del Rio’s dagboekaantekening V.3.1 en VI.2
De T-initialen in Beethovens dagboek V.1.3 en VI.1/2
De M-initiaal in Beethovens aantekeningen V.1.3 en VI.2
Hypotheses van Goldschmidt, Tellenbach en Steblin (Josephine als de Unsterbliche Geliebte, Beethoven als vader van Minona Stackelberg) V.1.1, 3.2, 4.2 en VI.1/2
Huwelijk met en officieuze scheiding van Stackelberg V.3.2 en 4.2
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Levensomstandigheden (in de periode tot ongeveer 1813) V.3.2, 4.2 en VI.1/2
Levensomstandigheden (in later jaren) VI.4
Mijn hypothese met Josephine in de rol van Unsterbliche Geliebte V.5
Vaderschapsvragen VI.3 en 3 bij Oliva's opmerking
Portretten in de
portrettengalerij bij The Brunswick family

Julie Vering, kennis van Beethoven, eerste echtgenote van Stephan Breuning
Chronologie
II.1 bij 1808
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III
Portret
in de portrettengalerij bij The Breuning family

Karl Amenda, innig bevriend met Beethoven
Chronologie II.1 bij 1799
Discussie over (homo-erotische?) relatie met Beethoven (visie van de Sterba's) VII.3 en XI.5

Portret in de portrettengalerij bij Other persons (men)

Karl van Beethoven, zie
Neef Karl

Karl Joseph Brentano als Beethovens zoon VI.3

Karoline Unger, zangeres, kennis van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Keglevics, zie
Barbara

Khevenhüller, zie
Maria Anna

Koch, zie
Babette

Leonore Breuning, jeugdvriendin van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III

Levin, zie
Rachel

Lichnowsky, zie
Christiane

Liechtenstein, zie
Josepha
Maria Anna
Marie Leopoldine

Lobkowitz, zie
Caroline

Lorenz Breuning, (jeugd)vriend van Beethoven
Chronologie II.1 bij 1792/98
Discussie over (homo-erotische?) relatie met Beethoven (hypothese van de Sterba's) VII.3 en XI.5

Louis van Beethoven (grootvader)
Enkele gegevens over Louis' leven en zijn betekenis voor zijn beroemde kleinzoon VII.1
Portret
in de portrettengalerij bij The Beethoven family

Magdalene Willmann, zangeres, Beethovens beminde rond 1795?
Chronologie II.1 bij 1792/98
Frimmels hypothese (Magdalene als de Unsterbliche Geliebte) V.1.1
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III

Malfatti, zie
Giovanni
Teresa

Maria Anna Liechtenstein, geboren Khevenhüller, Beethovens onsterfelijke geliefde?
Nieuwe hypothese IV

Maria Magdalena Keverich, moeder, zie
Ouders

Marie Bigot, pianiste, Beethovens flirt van 1807
Chronologie II.1 bij 1807
De M-initiaal in Beethovens aantekeningen V.1.3, VI.1 en VI.2
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.1.3
Rol in Beethovens leven III
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Marie (Anna Maria) Erdödy, geboren Niczky, pianoleerlinge en goede vriendin van Beethoven
Chronologie
Algemeen II.1 bij 1802 e.v.
Algemeen in 1812 II.2
Algemeen - vervolg II.3/4 bij 1813 e.v.
Briefwisseling met Beethoven II.1 bij 1808/11
Briefwisseling met Beethoven - vervolg II.3/4 bij 1815/20
Huwelijk met en scheiding van Peter Erdödy II.1/2/3 bij 1798 e.v.
Discussie
Beknopte biografie IV
Briefwisseling met Beethoven V.3.3, 4.3 en XI.3
Huwelijk met en officieuze scheiding van Peter Erdödy - beknopt IV
Hypotheses van Steichen en Altman (Marie als de Unsterbliche Geliebte en de vrouw van het geheimzinnige miniatuur uit Beethovens nalatenschap) bij V.1.1, 1.2 en V.3.3, 4.3
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.1.2
Levensomstandigheden V.3.3 en 4.3
Vaderschapsvragen VI.3 bij Oliva's opmerking
Portretten in de portrettengalerij bij The Erdödy family

Marie Leopoldine Liechtenstein
Bespreking van haar mogelijke rol in Beethovens leven V.3.1 en VI.4
Foto (standbeeld) in VI.4

Marie Pachler, pianiste, kennis van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III en VI.1
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Marie Westerholt, jeugdvriendin van Beethoven
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Miniatuur (misschien) van Giulietta Giucciardi in Beethovens bezit
Vondst door Beethovens vrienden III
Twijfel aan identificatie door Gerhard Breuning V.1.2 en VI.1 (hypotheses van Brosche-Graeser en Tellenbach en falsificatie door Bettermann)
Afbeelding in de portrettengalerij bij Other persons (women) en samen met een afbeelding van een ander mogelijk portret in V.1.2

Miniatuur van een onbekende vrouw in Beethovens nalatenschap aangetroffen
Vondst door Beethovens vrienden III
Pogingen tot identificatie V.1.2
Twijfel aan pogingen tot identificatie en hernieuwde pogingen V.2.2 en VI.1 t/m 4
Afbeelding
in V.1.2
en in de portrettengalerij bij Other pictures

Minona Stackelberg als Beethovens dochter VI.3

Murray, zie
Almerie

Muzikale opdrachten, relevant op deze site
Chronologie
In het cruciale jaar 1812, gerelateerd aan de Brentano's II.2
In later jaren, ook gerelateerd aan de Brentano's II.3/4 bij 1816 e.v.
Vóór het cruciale jaar 1812, gerelateerd aan de Brunswicks II.1 bij 1799 e.v.
Gerelateerd aan Dorothea Ertmann II.3 bij 1817
Gerelateerd aan Marie Erdödy II.1 bij 1809 en II.3 bij 1815
Discussie
Mogelijke biografische betekenis VI.1

Nannette Streicher, geboren Stein, pianobouwer, goede kennis van Beethoven
Chronologie II.3 bij 1816
Rol in Beethovens leven III

Neef Karl
Chronologie
Algemeen II.3 bij 1815 e.v.
Zelfmoordpoging II.4 bij 1826
Discussie

Beethovens zoon? (hypothese De Roos) VII.3 en VIII.1 t/m 3
Beethovens zoon? (hypothese Rose) VIII.4
Bewijzen voor de diverse hypotheses over Karls rol in Beethovens leven VIII.2
Conclusies over de diverse hypotheses VIII.3
Overzicht van de diverse hypotheses VIII.1
Hypothese van de Sterba's (psychoanalyse) VII.2/3 en VIII.1 t/m 3
(Psycho)analyse van de relatie tussen Karl en Beethoven VIII.1 t/m 3
Zelfmoordpoging VII.2/3 en VIII.1 t/m 3
Portretten
als jongeman en als man van middelbare leeftijd
in de portrettengalerij bij The Beethoven family

Nikolaus Johann van Beethoven, zie
Broers

Nikolaus Zmeskall, Beethovens ouwe, trouwe vriend
Chronologie II.1 bij 1798
Bezoeken aan prostituées, eventueel samen met Beethoven? II.3 bij
1816
Discussie
De betekenis van de bezoeken aan de prostituées XI.3 en 5

Portret in de portrettengalerij bij Other persons (men)

Obermayer, zie
Therese

Oliva's opmerking over een onbekende vrouw en haar muzikale kind in een conversatieboekje van 1819 VI.3 bij Oliva en de waarheid

Ouders
Beknopt overzicht van het leven van Johann en Maria Magdalena van Beethoven, hun huwelijk, hun ouderschap en hun veronderstelde, waarschijnlijk onechte portretten
in de portrettengalerij bij The Beethoven family

Overzicht van de hypotheses voor de Unsterbliche Geliebte V.1 en 2

Pachler, zie
Marie

Peters, zie
Carl

Portret (zelfportret?) van Therese Brunswick in Beethovens bezit, zie
Therese

Psychoanalyse van Beethoven XI.5

Puthon, zie
Barbara

Rahel Levin, kennis van Beethoven
Chronologie van haar rol in 1812 in Bohemen II.2
Discussie
De M-initiaal in Beethovens aantekeningen (Kaznelsons hypothese) VI.4
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Recke, zie
Elisabeth

Reis naar Bohemen in 1812 door Beethoven
Chronologie II.2
Discussie
Datering en plaatsing van de brief aan de Unsterbliche Geliebte
- Vroege pogingen V.1.1
- Moderne pogingen V.1.1
- Consensus V.2.1

Reiss, zie
Johanna

Schindler, Anton Felix, Beethovens 'secretaris zonder salaris' en zijn oerbiograaf
Chronologie II.4 bij 1821
Discussie
Rol na Beethovens dood bij het regelen van de erfenis III
Rol na Beethovens dood als biograaf V.1.1 en VII.2
Rol bij de identificatie van de miniaturen, gevonden in Beethovens nalatenschap V.1.2 en 2.2
Schindler over Beethovens brief aan de Unsterbliche Geliebte V.1.1
Schindler over Beethovens ziektes X.1
Schindler over neef Karl en schoonzus Johanna VII.2/3
Portret in de portrettengalerij bij Other persons (men)

Sebald, zie
Amalie

Sontag, zie
Henriette

Stackelberg, Christoph, zie
Josephine
Minona

Staudenheim, Jacob, enige tijd Beethovens (huis)arts
Rol tijdens Beethovens reis in 1812 in Bohemen II.2

Stephan en Gerhard Breuning (vader en zoon), Beethovens (jeugd)vriend en zijn zoon, arts en biograaf
Rol van Stephan na Beethovens dood bij het regelen van zijn erfenis III
Rol van Gerhard bij de identificatie van de miniaturen, gevonden in Beethovens nalatenschap V.1.2 en 2.2
Rol van Gerhard bij discussies over Beethovens doodsoorzaak IX.1
Portretten van Stephan en Gerhard
in de portrettengalerij bij The Breuning family en in IX.1

Streicher, zie
Nannette

Tschoffen, zie
Barbara

Teresa Malfatti, Beethovens beminde in voorjaar 1810?
Chronologie II.1 bij 1810
Discussie
De T- en M-initialen in Beethovens aantekeningen V.1.3 (bij de M-initiaal en bij de T-initialen)
Fanny's dagboekaantekening V.3.1
Fanny's dagboek in relatie tot de T/M-initialen in Beethovens dagboek V.3.1
In verband met het geheimzinnige miniatuur V.2.2
Rol in Beethovens leven III; V.1.3 en XI.5
Thayers geheimzinnigheid over de T/M-vrouw VI.1
Portret
in de portrettengalerij bij Other persons (women)

Thayer, Alexander Wheelock, onvolprezen biograaf, over
Brief aan de Unsterbliche Geliebte V.1.1 t/m 3
Beethovens ziektes X.1 en XI.1
Initialen in Beethovens dagboek  V.1.3 en VI.1
Voogdijkwestie VII.2/3
Portret
in de portrettengalerij bij Other pictures

Therese Brunswick, pianoleerlinge en goede vriendin van Beethoven, zuster van Charlotte, Franz en Josephine
Chronologie
Algemeen II.1 bij 1799 e.v.
In het cruciale jaar 1812 II.2
Algemeen - vervolg II.3/4 bij 1813 e.v.
Discussie
Dagboeken en brieven IV en VI.1/3
De T-initialen in Beethovens dagboek V.1.3 en VI.2
Rol in Beethovens leven met betrekking tot het (zelf)portret V.1.2 en VI.1
Rol in het leven van zus Josephine VI.1 t/m 4
Thayers visie V.1.1 t/m 3 en VI.1
Mogelijke biografische betekenis van het (zelf)portret VI.1
Portretten in de portrettengalerij bij The Brunswick family

Therese van Beethoven, geboren Obermayer, Beethovens schoonzuster vanaf november 1812
Chronologie II.2
Discussie
Beethovens mening over haar (beknopt) VII.1

Unger, zie
Karoline

Unsterbliche Geliebte
Chronologie
Beethovens reis naar Bohemen in 1812
II.2
Fanny Giannatasio del Rio's dagboekaantekeningen
II.3 bij 1816
Waar waren de kandidates in de cruciale periode in 1812?
II.2
Discussie
Betekenis van de vrouwenportretten in Beethovens bezit, al dan niet in relatie tot geliefdes
V.2.2
Conclusies over kandidatuur
V.2.1
Datering en plaatsing van Beethovens liefdesbrief

- Vroege pogingen
V.1.1
- Moderne pogingen
V.1.1
- Consensus
V.2.1
Fanny Giannatasio del Rio's dagboekaantekening
V.3.1 en VI.2
Geschiedenis van het biografisch onderzoek naar de onbekende geliefde
V.1.1
Hypothese van Frimmel voor Magdalene Willmann
V.1.1
Hypothese van Goldschmidt/Tellenbach voor Josephine Brunswick (oorspronkelijk La Mara)
V.1.1, nogmaals V.1.1 (verbeterde hypothese); vervolgens 2.1, 3.2, 4.2 en VI.1 t/m 4; vervolgens mijn visie V.5
Hypothese van Kaznelson voor Josephine Brunswick (en Rahel Levin)
VI.4
Hypothese van Marek en Robbins Landon voor Dorothea Ertmann
V.1.1, 2.1, 3.3, 4.3, VI.3 en XI.3
Hypothese van Rose voor schoonzuster Johanna
VIII.4
Hypothese van Schindler e.a. voor Giulietta Guicciardi
V.1.1
Hypothese van Solomon voor Antonie Brentano
V.1.1, 1.2, 2.1, 3.3, 4.3 en VI.1 t/m 4
Hypothese van Steichen/Altman voor Marie Erdödy
V.1.2, 2.1, 3.3, 4.3, VI.3 en XI.3
Hypothese van Thayer e.a. voor Therese Brunswick
V.1.1 en VI.1
Hypothese van Thomas-San Galli en Schmidt-Görg voor Amalie Sebald
XI.5
Hypothese van Walden (oorspronkelijk Unger) voor Bettina Brentano
V.1.1
Tekst van Beethovens liefdesbrief
III
Verband met Karl Joseph Brentano, geboren in maart 1813
VI.3
Verband met Minona Stackelberg, geboren in april 1813
VI.3
Verband met Karl van Beethoven, geboren in september 1806
VIII.4
Verband met Beethovens veronderstelde syfilis
XI.3

Vader en moeder Beethoven, zie
Ouders

Varnhagen, August, kennis van Beethoven
Chronologie II.2
Discussie
Marginale, maar toch belangrijke rol in Beethovens leven V.4.1, 5 en VI.4

Vering, zie
Julie

Voogdijkwestie
Chronologie
Relatie met broer Carl en schoonzuster Johanna II.3/4 bij 1813 e.v.
Broer Carls testament (tekst) II.3 bij 1815
Gerechtelijk onderzoek II.3 bij 1818
Discussie
Historie van het biografisch onderzoek VII.2/3
Huwelijk Carl en Johanna - chronologie II.1 bij 1806 e.v.
Huwelijk Carl en Johanna - discussie VIII.1 t/m 3
Hypotheses over de voogdijkwestie (oude en nieuwe) VIII.2/3
Hypothese van de Sterba's (psychopathologie) VII.2/3 en VIII.1 t/m 3
Hypothese van Rose (Karl als Ludwigs zoon) VIII.4
Hypothese van Solomon (Ludwigs "verliefdheid" op Johanna) VII.2/3 en VIII.1 t/m 3
(Psycho)analyse van de voogdijkwestie VIII.1 t/m 3
Relatie tussen de broers Beethoven (beknopt overzicht) VII.1
Relatie tussen Ludwig en zijn schoonzusters (beknopt overzicht) VII.1

Portretten in de portrettengalerij bij The Beethoven family

Vrouwen in Beethovens leven (algemeen)
Beknopt overzicht van hun rol III
Psychoanalyse van hun mogelijke betekenis voor Beethoven XI.5

Weissenbach, arts, bezoekt Beethoven in 1814 en schrijft erover
Visie op 's mans doofheid en ingewandsproblemen XI.1/2

Portret in de portrettengalerij bij Other persons (men)

Westerholt, zie
Marie

Willmann, zie
Magdalene

Woningen-chronologie van Beethovens adressen
Men zoeke bij het gewenste jaar in de eerste alinea (lichtblauwe kader) in de hoofdstukken
II.1 voor de periode 1792/1811
II.2 voor het jaar 1812
II.3 voor de periode 1813/1818
II.4 voor de periode 1819/1827

Ziektegeschiedenis en oorzaken van Beethovens doofheid en levercirrose
Chronologie
Anamnese IX.1
Beethovens laatste ziekbed en dood IX.1
Discussie

Alcoholge(mis)bruik: een feit X.1 en XI.1
Desinteresse in uiterlijk in later jaren, zichtbaar op karikaturen IX.1
Doodsoorzaak - diagnosticering X.1/4
Doodsoorzaak - discussie XI.1
Doofheid - verloop en door Beethoven en zijn vrienden veronderstelde oorzaken IX.1
Doofheid - diagnosticering na Weissenbachs poging van 1816 X.1
Doofheid - discussie XI.2/4
Eet- en drinkgewoonten IX.1
Fysieke en psychische kenmerken/eigenaardigheden van Beethoven IX.1
Ingewandsproblemen - anamnese IX.1
Ingewandsproblemen - mogelijke diagnoses en discussie X.1 en XI.1/4
Levercirrose: een feit XI.1/4
Loodvergiftiging? (hypothese van Walsh/Reiter) X.1
Moord? (hypothese van Altman) X.2
Psychoanalyse XI.5
Psychopathologie (hypothese van de Sterba's) X.1
Syfilis? XI.1
Syfilis en de mogelijke relatie met de Unsterbliche Geliebte XI.3
Tekst Heiligenstädter Testament IX.2
Tekst Dr.Wawruchs anamnese (gedeeltelijk) IX.1
Zelfmoord? (hypothese van De Roos) X.2
Foto's
van Beethovens schedel en het gipsmodel daarvan IX.1
en in de portrettengalerij bij Other pictures
Afbeelding van Beethovens dodenmasker in de portrettengalerij bij Genuine pictures

Tekening van Beethovens handen op zijn sterfbed in de portrettengalerij bij Other pictures
Portretten van Beethoven op zijn sterfbed in de portrettengalerij bij Genuine pictures
Portretten van de artsen Breuning, Wawruch en Weissenbach in de portrettengalerij bij The Breuning family en in de portrettengalerij bij Other persons (men)

Zmeskall, zie
Nikolaus

 Terug naar boven